11 april 2019

Zorg om wederom breken met horecavisie

Het college van B&W heeft een aanvraag binnengekregen voor een horecalocatie op een locatie waar de horecavisie nieuwe horeca niet toestaat. Om het plan toch door te kunnen laten gaan overweegt ze nu in te stemmen met het maken van een ingang aan de achterkant van het pand op een niet bestaand adres omdat de horecavisie dat in de ogen van het college wel toestaat. Klopt dat? Het was de strekking van de actualiteitsvraag die CDA’er Joost Bleijie tijdens de commissie Werk en Middelen aan wethouder Van Delft (GroenLinks) stelde. Dat vraag om een uitleg. “In 2016 hebben we in Leiden de horecavisie aangenomen” zo zegt Joost Bleijie. “In die visie is opgenomen waar er in Leiden nog ruimte is voor nieuwe horeca en waar niet. Op de Breestraat is er volgens de visie geen ruimte meer voor horeca en dus zullen alle aanvragen voor nieuwe horeca aldaar worden afgewezen. Maar nu zit de gemeente met het voormalige pand van de ABN-Amro op Breestraat 81 in de maag. Dat pand staat leeg. Er heeft zich kennelijk een ondernemer gemeld die daar wel een horecazaak in wil beginnen. Op zich niets mis mee natuurlijk, maar wel dat het aan de Breestraat niet kan. Dus is de aanvrager inventief geweest en heeft aangegeven dat de ingang van de horeca wel aan de achterkant van het pand, aan aan de Langebrug, te willen maken. Formeel is dat niet de Breestraat, maar het Pieterskwartier. De horecavisie schrijft voor dat daar in het Pieterskwartier nog wel ruimte is voor horeca. Een slim stukje ondernemerschap natuurlijk, maar tegen het beleid dat we als Raad hebben vastgesteld. Want kadastraal en qua bestemmingsplan is dit pand gewoon gelegen aan de Breestraat. Sterker nog, de achterkant is niet eens een bestaand adres!

Maar wat is nou het probleem? “Het college dreigt voor de tweede keer met een wel heel dunne argumentatie een uitzondering te maken op de horecavisie. Dan kan je twijfelen aan de houdbaarheid van de visie. Die kan wat mij betreft dan ook meteen de prullenbak in als we dit gaan doen. Daarnaast getuigt het niet echt van betrouwbaar bestuur natuurlijk. Twee jaar geleden hebben we na een lang onderzoek en na intensieve debatten besloten waar wel en waar geen ruimte is voor horeca. Dat is uiteindelijk een goede balans geworden tussen wonen, werken en gezelligheid. Als daar nu op deze gekunstelde manier weer een uitzondering op wordt gemaakt, kan je twijfelen hoe betrouwbaar en toekomstbestendig de besluiten van het stadsbestuur nog zijn.” Maar er is volgens Bleijie nog een probleem. “De wijkbewoners zijn wat horeca betreft wel wat gewend in het Pieterskwartier, maar zeggen van dit plan en met name van het volume aan horeca dat gemaakt wordt dat het ‘too much’ is. Qua verkeersafwikkeling, qua bezoekersstromen, qua verwachte overlast, qua fietsparkeren twijfelen zij of dit wel goed is voor de wijk en of de wijk dit wel aankan. Daar hebben ze zorg over. Die zorg deelt het CDA. Daarom hebben wij het college gevraagd hoe het precies zit.” Het antwoord van Wethouder van Delft was dat er inderdaad een horecaondernemer een aanvraag heeft gedaan en dat het college de aanvraag passend zal beoordelen. Het is nog geen uitgemaakte zaak dat de horeca er ook echt gaat komen. “Daar waren we blij mee. Wij zullen deze aanvraag dan ook met argusogen blijven volgen en een de bel trekken als dat nodig is.”

(bron foto: Google Streetview sept 2016)

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.