Leiden heeft ook ruimte nodig: in de wijken om te kunnen spelen, in parken om te kunnen recreëren, en in de regio om er ook echt uit te zijn. Gelegen tussen twee grote natuurlijke gebieden – de Noordzee in het westen en het Groene Hart in het oosten - hebben de Leidse inwoners recreatiegebieden in de directe nabijheid. Maar in de stad is de groene ruimte schaars en kostbaar. Het CDA wil die groene ruimte daarom beschermen:

1. De parken zijn van ons allemaal en daarom zijn de Leidenaren er zuinig op. Het vernielen van planten en struiken of het verstoren van dieren wordt stevig aangepakt.

1.    Tegelijk zijn onze parken geen groene musea: nu al wordt het Leidse hout gebruikt voor het openluchttheater en Werfpop. Het CDA wil ook ruimte voor kleinschalige, duurzame evenementen mogelijk maken in Matilo.

2.    Om het honderdjarig bestaan van Swift in 2019 luister bij te zetten, wil het CDA park De Bult verlichten, zodat er ook ’s avonds veilig gesport en gerecreëerd kan worden.

3.    De Oostvlietpolder behoudt het groene karakter en de (deels) agrarische bestemming.

4.    Het Singelpark is een prachtig maatschappelijk initiatief. Het CDA wil dat in het Singelpark goede ideeën een kans krijgen. Via een experimenteerbesluit wordt er meer ruimte gemaakt voor maatschappelijke creativiteit. Met behulp van Groene Vouchers kunnen wijken en verenigingen subsidie krijgen voor het vergroenen van hun omgeving.

5.    Het CDA wil dat de gemeente beter zijn best doet om het geld dat beschikbaar is voor aanplant van bomen ook daadwerkelijk voor dat doel ingezet worden. Het CDA vindt dat die bomen ook op particuliere grond mogen worden geplant – bijvoorbeeld bij bedrijven -, zolang ze maar vanaf de openbare weg goed zichtbaar zijn.

6.    Het CDA stimuleert dat bewoners op hun eigen grond maatregelen nemen zodat het regenwater ook in de tuin kan weglopen. Dit kan via meer groen of andere tegels te plaatsen. Zo houden we droge voeten en voorkomen we oververhitting.

Het klimaatakkoord van Parijs is een belangrijke mondiale stap naar het afvlakken van klimaatverandering. Het verdrag verdient volgens het CDA een lokale invulling: in Leiden moet overgeschakeld worden op duurzame energie in de bebouwde omgeving, het verkeer en de economie. Het CDA stelt daarom het volgende voor:

1.       De duurzaamste energie is de energie die niet gebruikt wordt. Het CDA vindt het belangrijk om ervoor te zorgen dat gemeentelijke gebouwen veel minder energie gaan gebruiken: scholen, wijkgebouwen en ambtelijke huisvesting moeten zoveel mogelijk naar minimaal label B worden gebracht.

2.       Het CDA wil een einde aan de subsidie op rendabele duurzaamheidsmaatregelen. Het CDA zet in op budgetten voor isolatie van sociale woningbouw: de arme Leidenaars moeten niet de hoogste energierekening betalen. Het CDA vindt dat onrechtvaardig. Daarnaast wil het CDA niet alleen duurzame huurwoningen maar ook duurzame koopwoningen. Zet ze in voor isolatie van sociale woningbouw: de arme Leidenaars moeten niet de hoogste energierekening betalen

3.       Het CDA wil dat nieuwbouw klimaatneutraal (‘0 op de meter’) wordt gebouwd. De gemeente moet dit onderdeel maken van haar aanbestedingsbeleid.

4.       Samen met anderen heeft het CDA zich in het verleden sterk gemaakt voor droge voeten in De Kooi en in de Leidse Hout. Dit beleid verdient hoge prioriteit en moet worden voortgezet en uitgevoerd.

Het CDA vindt de dierenweides en de kinderboerderij belangrijke plekken om een goede omgang met dieren aan te leren. Het is daarom belangrijk dat kinderen samen met hun ouders en grootouders kunnen blijven genieten van deze plekken. Het CDA ondersteunt initiatieven om de dierenweides die nu gesloten zijn eens per maand te openen voor buurtbewoners, zodat gezinnen met hun kinderen de dieren van nog dichterbij kunnen aanschouwen.  

Vragen en/of opmerkingen? Stuur een mail naar ons raadslid Roeland Storm via R.Storm@gemeenteraadleiden.nl 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.