
28 mei 2026
25 juni 2026 1 minuten lezen
Woensdag 24 juni stond de jaarrekening en de kadernota op de agenda van de Provinciale Staten. De conclusie uit beide stukken is dat de financiële positie van de provincie goed is. En dat is goed nieuws. Echter zijn er wel een aantal punten waar het CDA aandacht voor heeft gevraagd.

De jaarstukken over 2025 laten zien dat de provincie financieel gezond is. De accountant heeft een goedkeurende verklaring afgegeven en de financiële positie is sterk. Toch ziet het CDA ook een aandachtspunt. De provincie begroot structureel meer dan daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Die kloof groeit en verdient aandacht. Daarom diende Martin Kruis, samen met commissielid Shanyl Soekhlall en in samenwerking met andere fracties, twee moties in. De eerste motie vraagt om voorstellen om de uitvoeringscapaciteit van de provincie te versterken. De tweede richt zich op Rijksmiddelen die al beschikbaar zijn gesteld voor Fryslân, maar waarvoor voldoende uitvoeringskracht nodig is om te voorkomen dat geld moet worden terugbetaald aan het Rijk. Voor het CDA staat één principe centraal: Provinciale Staten moeten vooraf kunnen sturen in plaats van achteraf constateren. En middelen die voor Fryslân bedoeld zijn, moeten ook daadwerkelijk ten goede komen aan Fryslân.
De Kadernota laat zien dat Fryslân financieel sterk staat. Tegelijkertijd vinden wij dat een gezonde financiële positie geen reden mag zijn om steeds nieuwe beleidsterreinen naar de provincie toe te trekken. Onze inwoners verwachten dat de provincie zich richt op haar kerntaken: goede bereikbaarheid, veilige wegen, voldoende woningbouw, een sterk economisch klimaat, zorgvuldig beheer van landschap en natuur en toekomstperspectief voor de landbouw. Vanuit die gedachte heeft Karin van der Velde-Ronda de motie 'Knaken voor kerntaken' ingediend. Daarmee vraagt het CDA aandacht voor een duidelijke prioritering van provinciale taken en een zorgvuldige afweging van nieuwe uitgaven, zeker met het oog op toekomstige financiële uitdagingen.
De fractie kijkt uit naar de verdere uitwerking richting de begroting, die wordt behandeld in november.