05 september 2026
03 oktober 2026 1 minuten lezen
Terugblik op raadsvergadering van 22 september
CDA Heusden steunt extra krediet voor gezamenlijke huisvesting Woonveste.
De CDA-fractie in Heusden heeft ingestemd met het aanvullende krediet van € 5,42 miljoen voor de gezamenlijke huisvesting van de gemeente Heusden en Woonveste in het nieuwe gemeentehuis. Volgens het CDA is daarbij zorgvuldig gekeken naar de noodzaak, kosten en financiële risico’s. De extra ruimte voor Woonveste wordt marktconform verhuurd. De huurinkomsten dekken volgens de gemeente de extra kosten die met deze uitbreiding samenhangen. Het CDA ziet daarnaast maatschappelijke voordelen in de gezamenlijke huisvesting. Doordat de gemeente en Woonveste straks onder één dak werken, kunnen de samenwerking en onderlinge afstemming worden verbeterd en kunnen voorzieningen zoals spreek- en vergaderruimten efficiënter worden gebruikt. Een belangrijk argument voor het CDA is bovendien dat de huidige locatie van Woonveste beschikbaar komt voor herontwikkeling. Daarmee ontstaat ruimte voor woningbouw. De verschillende vrijkomende locaties kunnen volgens de gemeente op termijn ruimte bieden aan circa 900 woningen. “Goed rentmeesterschap betekent dat we zorgvuldig omgaan met iedere euro gemeenschapsgeld, maar ook dat we kijken naar de maatschappelijke waarde op langere termijn”, aldus CDA-raadslid Jan Flipsen. De fractie blijft de financiële gevolgen van het project kritisch volgen, maar ziet voldoende meerwaarde om het voorstel te steunen.
CDA Heusden steunt omgevingsplan en vraagt aandacht voor woningzoekenden en gezondheid.
CDA Heusden heeft ingestemd met de eerste wijziging van het omgevingsplan. Tijdens de raadsvergadering van 22 september benadrukte raadslid Richard Tewes dat de nieuwe regels duidelijkheid moeten geven aan inwoners en ondernemers én ruimte moeten bieden voor woningen die Heusden nodig heeft. Een belangrijk onderdeel van het besluit is de mogelijkheid om bij woningbouw op doelgroepen te sturen. Daarmee kunnen woningen beter aansluiten bij de behoefte van onder meer starters en mensen met een middeninkomen. Tewes vroeg het college hoe het gaat controleren en waarborgen dat deze woningen daadwerkelijk terechtkomen bij de groepen voor wie ze bedoeld zijn. “Voor CDA Heusden is vooral van belang dat we bouwen voor de mensen die hier wonen en willen blijven wonen”, stelde hij in zijn betoog. Ook de derde fase van De Grassen in Vlijmen valt onder het besluit. Daar is ruimte voorzien voor circa 450 tot 500 woningen. Volgens het CDA moet bij de ontwikkeling van de wijk voldoende aandacht zijn voor groen, water, voorzieningen en de kwaliteit van de leefomgeving. “Bouwen is meer dan stenen stapelen”, aldus Tewes. In het bijzonder vroeg het CDA aandacht voor gezondheid. De regels voor De Grassen zijn op basis van de meest actuele brieven van Kabinet en Provincie aangevuld met een bepaling over gezondheidsrisico’s in verband met een nabijgelegen geitenhouderij. Tewes vroeg de wethouder toe te zeggen dat de gezondheidsaspecten actief worden gevolgd en dat de raad bericht krijgt wanneer nieuwe inzichten of wetgeving daar aanleiding toe geven. Voor CDA Heusden biedt het wijzigingsbesluit een basis voor verdere ontwikkeling, mits een goed en gezond woon- en leefklimaat voorop blijft staan. Met die inzet stemde de fractie vóór het voorstel.
Begrotingswijziging van de Regio Hart van Brabant.
Fractievoorzitter Noah Brok benadrukte tijdens de behandeling van de begrotingswijziging van de Regio Hart van Brabant de forse stijging van de regionale jeugdhulpkosten. Hij wees erop dat de kosten voor Heusden tussen 2023 en 2025 met circa 56 procent zijn gestegen, van ongeveer €8,4 miljoen naar €13,1 miljoen. Hoewel het CDA begrip heeft voor de toenemende zorgvraag, complexere problematiek en stijgende tarieven, vindt de partij dat er meer concrete sturing nodig is. Daarom diende het CDA samen met DMP, Gemeentebelangen en VVD een amendement in voor een uitvoeringsplan met concrete maatregelen, indicatoren en een risicoanalyse. Daarnaast pleitte de partij voor een doelmatigheidsonderzoek naar de jeugdhulp, waarbij niet alleen wordt gekeken naar de hoogte van de uitgaven, maar ook naar de resultaten en de vraag wat de ingezette middelen daadwerkelijk opleveren.


