
03 februari 2026
03 februari 2026 1 minuten lezen
Tijdens de vergadering van Provinciale Staten heeft CDA Brabant mondelinge vragen gesteld over de aanpak van de vermindering van ammoniakemissie in de veehouderij. Aanleiding is...

Tijdens de vergadering van Provinciale Staten heeft CDA Brabant mondelinge vragen gesteld over de aanpak van de vermindering van ammoniakemissie in de veehouderij. Aanleiding is de grote onzekerheid waarin veehouders momenteel verkeren, terwijl zij vóór 1 juli 2026 al onomkeerbare keuzes moeten maken.
Menukaart onvolledig, deadline nadert
In de beantwoording gaf de gedeputeerde aan dat de vastgestelde Menukaart onvolkomenheden bevat en “zo snel mogelijk” wordt aangepast. Tegelijkertijd werd aangegeven dat de Menukaart slechts eens per half jaar wordt geactualiseerd. Met een harde deadline van 1 juli 2026 in zicht – en de verplichting voor veehouders om vóór die datum hun melding te doen – ontstaat een onwerkbare situatie. Ondernemers moeten nu handelen, terwijl het beleidskader nog niet definitief is. CDA Brabant vindt dit onzorgvuldig en onrealistisch.
Biocombiwassers: Geen antwoord, wel gevolgen
Opvallend en teleurstellend is dat de vragen over bio-combiwassers onbeantwoord zijn gebleven. Deze systemen zijn in Brabant op grote schaal toegepast – naar schatting circa 2.000 installaties – mede op basis van eerdere eisen van dezelfde overheid op het gebied van ammoniak- en geurbeleid. Toch zijn deze systemen niet opgenomen in de Menukaart, omdat zij volgens het provinciebestuur niet zouden voldoen aan de vereiste 60% emissiereductie (voor bestaande stallen).
Er werd verwezen naar onderzoeken van de WUR, die niet expliciet duiden dat de vereiste 60% reductie niet behaald zouden worden. Als CDA hebben we aangedrongen om deze bewijslast te overleggen, zeker gezien de grote investeringen die ondernemers destijds op overheidsverzoek hebben gedaan.
Generieke reductie-opgave: Geen erkenning voor gerealiseerde reducties
Voor blijvende bedrijven geldt een generieke reductie-opgave van 46%. Daarbij worden de emissiereducties die al zijn gerealiseerd via de LBV- en LBV+-regelingen en vrijwillige bedrijfsbeëindiging niet meegenomen. Deze effecten tellen volgens het provinciebestuur pas mee bij ijkmomenten in 2030 en 2035, en dus niet bij het huidige stallenbesluit.
CDA Brabant vindt het onbegrijpelijk dat geborgde en gerealiseerde reducties buiten beschouwing worden gelaten en acht deze aanpak niet proportioneel en niet rechtvaardig voor ondernemers die door willen.
CDA blijft zich inzetten voor realistisch en rechtvaardig beleid
CDA Brabant vindt het onacceptabel dat beleid wordt doorgezet dat ondernemers moedwillig in rechtsonzekerheid brengt. Wij zullen het provinciebestuur hier blijvend op aanspreken en blijven pleiten voor uitvoerbaar, betrouwbaar en rechtvaardig beleid, waarin ondernemers weten waar zij aan toe zijn en eerdere inspanningen worden erkend.
Tanja van de Ven
Statenlid CDA Brabant

03 februari 2026

27 januari 2026

27 januari 2026