CDA | CDA Hengelo stelt vragen over oorlogsresten

03 februari 2026 1 minuten lezen

CDA Hen­ge­lo stelt vra­gen over oor­logs­res­ten

De CDA-fractie in Hengelo heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van B&W over de aanwezigheid en aanpak van niet-gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Aanleiding is recent onderzoek in Haaksbergen, dat opnieuw laat zien dat de oorlog onder de grond nog niet voorbij is.

Hengelo werd in oktober 1944 zwaar getroffen door bombardementen waarbij grote delen van de binnenstad werden verwoest. Daarbij kwam ook een niet-ontplofte bom terecht in de St. Lambertusbasiliek – een tastbare herinnering aan het oorlogsverleden van de stad. Volgens het CDA benadrukt dit de noodzaak om alert te blijven op wat er nog in de bodem kan liggen.

De fractie vraagt het college onder meer naar mogelijke risicogebieden, het actuele beleid rond niet-gesprongen explosieven, de inzet van risicokaarten en de manier waarop veiligheid is geborgd bij bouw- en graafwerkzaamheden. Ook wil het CDA inzicht in eerdere vondsten en ruimingen in Hengelo.

Raadslid Bernadette Morskieft: “Hengelo draagt een zichtbare oorlogsgeschiedenis. Juist daarom is het belangrijk dat we zorgvuldig omgaan met onze bodem en de veiligheid van inwoners, nu en in de toekomst.”

Het CDA ziet de beantwoording van de vragen als een moment om te toetsen of het huidige beleid nog voldoende aansluit bij de praktijk van vandaag.

College van burgemeester en wethouders

Postbus 18

7550 AA Hengelo

Per email: [email protected]

Hengelo, 3 februari 2026

Betreft: NGE’s (niet gesprongen explosieven) in de gemeente Hengelo

Geacht college,

In de regionale media lazen wij dat de gemeente Haaksbergen onderzoek uitvoert naar niet gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Dat laat zien dat de gevolgen van deze oorlog ook anno 2026 nog steeds actueel blijven.

Ook Hengelo heeft zwaar onder vuur gelegen door onder andere het bombardement van 6 en 7 oktober 1944. Een groot gedeelte van de binnenstad werd weggevaagd, terwijl de St. Lambertus als een baken bleef staan met een niet ontplofte blindganger die op het priesterkoor terecht kwam. Er bestaat een bijna iconische foto van vlak na het bombardement waar de St. Lambertus nog fier overeind staat in een verder plat gebombardeerde omgeving.

Het is bekend dat er in de gemeente Hengelo beleid is voor deze NGE’s. Dit staat ook op de website, al is het even zoeken. Maar de CDA-fractie had toch nog enkele vragen:

1. Zijn er binnen de gemeente Hengelo gebieden bekend die op basis van historisch onderzoek als mogelijk risicovol worden aangemerkt?

2. Wordt bij bouw- en graafwerkzaamheden standaard rekening gehouden met de mogelijke aanwezigheid van oorlogsresten, en hoe is dit geborgd in procedures en vergunningverlening?

3. Wordt er standaard een projectgebonden risicoanalyse uitgevoerd bij werkzaamheden in verdachte gebieden? Zo ja, sinds wanneer?

4. Hoe is de verantwoordelijkheid binnen de gemeentelijke organisatie geregeld wanneer tijdens werkzaamheden explosief materiaal wordt vermoed of aangetroffen?

5. Vindt er afstemming plaats met omliggende gemeenten?

6. Ziet het college, mede naar aanleiding van de ontwikkelingen in Haaksbergen, aanleiding om het huidige beleid of de werkwijze te actualiseren?

7. Hoe vaak wordt de risicokaart geactualiseerd?

8. Zijn er vergelijkbare onderzoeken uitgevoerd in Hengelo zoals nu in Haaksbergen plaatsvindt, bijvoorbeeld in het stationsgebied of bij herontwikkelingslocaties?

9. En om een beeld te krijgen over hoe acuut het is: Is er een overzicht beschikbaar van het aantal meldingen, vondsten en ruimingen van explosieven in de afgelopen vijf jaar?

In afwachting op uw antwoord.

Hartelijke groeten,

Bernadette Morskieft, raadslid CDA Hengelo

Lees
ver­der