
26 februari 2026
12 februari 2026 4 minuten lezen
Tijdens de extra gemeenteraad over de UPLG van 12 februari 2026 heeft onze fractievoorzitter, Peter Flierman, het onderstaande betoog gehouden.

Voorzitter,
Als CDA-fractie begrijpen wij het doel van het UPLG: een uitweg bieden uit de stikstofcrisis. Een crisis die vergunningen blokkeert, maar ook onze boeren, woningbouw, onze economie, en daarmee de samenleving in een wurggreep houdt… Wij waarderen de poging van het Gedeputeerde Staten om hierin de stap naar voren te zetten, in een poging duidelijkheid en een uitweg te bieden uit deze crisis.
Tegelijk zien we dat het voorstel dat nu voorligt, een enorme impact heeft op een aantal boeren in Westbroek, en de gemeenschap van Westbroek als geheel. Het gaat niet om abstracte hectares op een kaart, maar om gezinnen, bedrijven en generaties werk. Om dat beter te begrijpen ben ik met een aantal betrokkenen in gesprek gegaan. Die gesprekken hebben ons als CDA-fractie geraakt, en ze hebben ons een scherper beeld gegeven van wat hier op het spel staat. Tegelijk geven deze gesprekken ons ook de hoop dat er, in goed overleg en met de juiste samenwerking, een uitweg mogelijk is uit deze crisis.
Wij hebben daarom een aantal aandachtspunten geformuleerd die wij graag expliciet terugzien in de zienswijze van onze gemeente. Onze inzet is een faire en eerlijke regeling, die én een uitweg biedt uit de stikstofcrisis, én een rechtvaardige oplossing voor boeren mogelijk maakt.
Ten eerste: natuur en dier beschermen is een belangrijk doel, maar niet het enige. De mens heeft ook belangen die volwaardig gewogen moeten worden. We moeten huizen kunnen blijven bouwen, we moeten mobiel blijven, onze lokale economie moet kunnen draaien, en we hebben ruimte nodig voor de energietransitie. Wij vinden daarom dat uitbreiding van natuurbeleid de uitvoering van andere maatschappelijke opgaven niet verder mag bemoeilijken. Concreet denken wij daarbij onder andere aan woningbouw op het Hessingterrein en bij Akkie Stomphorst. Het UPLG mag niet betekenen dat zulke broodnodige projecten nog verder klem komen te zitten. Om dit te onderstrepen dienen wij, samen met D66 en andere partijen, een viertal amendementen in.
Daarnaast is de stikstof en CO2 crisis niet alleen een opgave voor de agrarische sector. Alle sectoren moeten bijdragen aan stikstof en CO2 reductie: de transportsector, de bouwsector, de industrie, de energiesector, enzovoorts. Wij snappen dat het UPLG gericht is op het landelijk gebied, maar wij willen wel dat de provincie inzichtelijk maakt welk deel van de totale opgave bij ándere sectoren terecht komt, zodat kan worden beoordeeld of de bijdrage van de agrarische sector in verhouding staat.
Dan meer specifiek voor de boeren in Westbroek: bekijk de opgave integraal, en niet voor elke boer afzonderlijk. Onderzoek bij welke boeren bereidwilligheid is om te stoppen, te verduurzamen of te extensiveren. En kijk of daarmee andere boeren wellicht ontzien kunnen worden. Een benadering waarbij elke boer los wordt beoordeeld, doet geen recht aan de samenhang in de opgave.
Daarmee samenhangend: maak écht maatwerk mogelijk. Geef bijvoorbeeld boeren die de afgelopen jaren fors hebben geïnvesteerd in verduurzaming, maar de pech hebben dat hun bedrijf dicht bij een Natura 2000-gebied ligt, een uitweg. Het kan niet zo zijn dat juist de voorlopers, die al jaren proberen hun bedrijf toekomstbestendig te maken, nu het hardst geraakt worden doordat er alleen op afstand tot Natura 2000 wordt gekeken.
Een volgend punt: zorg dat de gegevens en uitgangspunten op orde zijn. Op dit moment wordt er nog gewerkt met verouderde gegevens. Dat is naar onze mening onwenselijk en ondermijnt het vertrouwen van inwoners en ondernemers in dit proces. Als je ingrijpende besluiten neemt over bedrijven en eigendommen, dan moet de basis – de data, de emissiecijfers, de kaarten – gewoon kloppen en actueel zijn.
We vragen het college ook kritisch te kijken naar de ammoniaknorm van 40 kilo per hectare en naar de tijdslijn waarop deze norm zou worden ingevoerd. Is deze norm goed onderbouwd, is hij realistisch, en is het haalbaar voor bedrijven om zich hieraan aan te passen in het voorgestelde tempo? Een norm zonder realistisch pad ernaartoe, vergroot vooral de onzekerheid.
Daarmee kom ik op het volgende: bied meer tijd voor de uitvoering van deze regeling. Boeren kunnen hun bedrijf, hun investeringen en hun gezinsleven niet in een paar jaar volledig omgooien. Transitie kost tijd. Extra tijd kan het verschil maken tussen een gecontroleerde, toekomstgerichte omschakeling en een gedwongen einde met grote sociale en financiële schade.
Tot slot vragen wij om duidelijkheid over de exitregelingen voor boeren die uiteindelijk toch zullen moeten stoppen. Als de overheid bedrijven vraagt of dwingt om te beëindigen in het algemeen belang, dan hoort daar een heldere, eerlijke en juridisch robuuste regeling bij. Geen vage perspectieven, maar concrete, goed uitgewerkte arrangementen, zodat gezinnen weten waar ze aan toe zijn en waardig een keuze kunnen maken.
Voorzitter, samenvattend: het CDA erkent de noodzaak van het UPLG als onderdeel van de oplossing van de stikstofcrisis. Maar die oplossing mag niet eenzijdig ten koste gaan van de boeren in ons buitengebied en mag niet andere urgente opgaven in De Bilt – zoals woningbouw en de energietransitie – nog verder blokkeren.
Onze inzet voor deze zienswijze is daarom:
Alleen zo wordt het UPLG wat het zou moeten zijn: een uitweg uit de stikstofcrisis die óók recht doet aan onze boeren en aan de andere maatschappelijke opgaven in onze gemeente.
Dank u wel.

26 februari 2026

25 februari 2026

18 februari 2026