Zorg voor elkaar

Als samenleving zorgen we allereerst voor elkaar, waarbij elk mens telt. Dit zien we in de Krimpenerwaard ook terug. We kennen veelal onze buren, er is een rijk verenigingsleven en er zijn talloze betrokken mantelzorgers en vrijwilligers. Iets om trots en zuinig op te zijn! Toch zien we dat het gezond samenleven onder druk staat. Eenzaamheid, mentale problematiek en de behoefte aan extra zorg en (financiële) ondersteuning nemen toe. Daarnaast staan we aan het begin van een dubbele vergrijzing.

Het CDA gelooft dat de oplossing voor een gezonde en veerkrachtige samenleving in de samenleving zelf ligt: in gezinnen, wijken, dorpshuizen, kerken, scholen, sport- en cultuurverenigingen. Niet bij het individu zelf, of bij de gemeente, maar door verbondenheid met elkaar.

De gemeente is het vangnet, niet het startpunt. Dat betekent soms dat we als gemeente ‘nee’ moeten zeggen om ruimte te geven aan oplossingen vanuit de samenleving zelf. Het CDA wil initiatieven en plekken waar het samenleven wordt beoefend (de sociale basis) stimuleren. Zo houden we de zorg beschikbaar en betaalbaar en versterken we de verbondenheid met elkaar.

Actiepunten CDA op het thema zorg voor elkaar:

  1. Zorg voor elkaar begint altijd dichtbij. Daarom steunen we de ingezette koers om als gemeente meer in te zetten op samenredzaamheid, collectieve oplossingen en algemeen toegankelijke voorzieningen (zonder indicatie).
  2. Sociaal domein gaat over mensen, niet over cijfers. In het sociaal domein gaat veel geld om, maar discussies mogen niet alleen over de financiën gaan. Eenvoudige maatregelen zoals budgetplafonds, taakstellingen of wachtlijsten lossen de onderliggende problemen niet op. We zullen scherper de vraag moeten stellen: waar zijn we als gemeente wel en niet van?
  3. Een sterk Lokaal Team, waarbij gemeente en preventiepartners met elkaar samenwerken. Niet elke hulpvraag hoeft met geïndiceerde zorg te worden opgelost. Samen met welzijnspartijen, (school)maatschappelijk werkers en jeugd- en jongerenwerk kunnen we de inzet van dure zorg voorkomen.
  4. Investeren in de lange termijn. Het CDA kiest voor het blijven investeren in preventie en het versterken van de sociale basis. Het structureel blijven investeren in jongerenwerk, welzijnswerk, schoolmaatschappelijk werk en het verenigingsleven is essentieel voor de toekomst.
  5. De (her)invoering van een inkomensafhankelijke bijdrage bij de Wmo. Het Rijk werkt aan de herinvoering van een inkomensafhankelijke bijdrage voor de Wmo (huishoudelijke hulp, traplift, begeleiding, etc.). Dit wordt steeds uitgesteld, terwijl het voor de solidariteit en beschikbaarheid van de zorg broodnodig is.
  6. Meer samenwerken. Het sociale, gemeentelijke en medische domein werken soms (onbewust) langs elkaar heen. We pleiten voor meer samenwerking, in navolging van initiatieven als Welzijn op Recept, de jeugdondersteuner bij huisartsen en de samenwerking tussen Team Sportservice en de fysiotherapeuten.
  7. Extra aandacht voor mantelzorgers en een dementievriendelijke samenleving. We pleiten voor de voortzetting en versterking van initiatieven als respijtzorg, dagbesteding en ondersteuning (informatie en advies) door welzijns- of belangenorganisaties te stimuleren en bekostigen.
  8. Gezondheid als gezamenlijke opdracht. Wij geloven dat je een betere gezondheid niet oplegt vanuit de overheid, maar kan bereiken van onderop. Dit betekent dat we de uitvoering van gezondheidsprogramma's het liefst bij de maatschappelijke partners beleggen, zoals welzijnspartijen, fysiotherapeuten en Team Sportservice.
  9. Bestaanszekerheid, in het bijzonder van gezinnen. Door onder andere de inzet van Schuldhulpmaatjes, budgetcoaches, woningbouwcorporaties en het Geldpunt helpen we inwoners die in financiële problemen dreigen te raken of zitten. De minimaregelingen zetten we voort. Goede en duidelijke communicatie is voor deze doelgroep extra van belang.
  10. Duurzame relaties. Door langjarige afspraken te maken en duidelijkheid te geven over verantwoordelijkheden met onze preventiepartners en zorgaanbieders, bouwen we aan duurzame relaties. Dit levert op de lange termijn betere zorg en minder bureaucratie op. Het verkleint bovendien de kans op zorgfraude, buitensporige kosten en het ‘stapelen van zorg’.