Nieuwkoop | MOOIE MENSEN; INTERVIEW MET KANDIDAAT CDA-RAADSLID JOHN…

MOOIE MEN­SEN; INTER­VIEW MET KAN­DI­DAAT CDA-RAADS­LID JOHN VAN DER ZWAAN

Je wordt er blij van als je anderen kunt helpen

John van der Zwaan
CDA kandidaat-raadslid

Interview in de reeks ‘Mooie mensen’, waarbij Henk Bakker namens CDA Nieuwkoop in gesprek gaat met inwoners van de gemeente. Ieder mens heeft een verhaal en heeft in zijn of haar leven dingen gedaan, die de moeite waard zijn om te vertellen. In deze serie komen zij aan het woord.

John, je bent opgegroeid in Langeraar. Hoe was je jeugd daar?

Ik ben geboren in een gezin met drie broers en een zus – we waren met vijf kinderen. Mijn vader was kuiper, hij maakte houten vaten bij een zuurfabriek. Mijn moeder was huisvrouw. We hadden het financieel niet breed. Als de kinderbijslag kwam, kon ik als ik dat nodig had pas een nieuwe jas krijgen. Mijn vader zei al vroeg: als je 10 bent, ga je maar een baantje zoeken voor je eigen zakgeld. Zo ben ik bij een anjerkweker aan het werk gegaan gaan werken – 50 cent per uur. Op een hele zaterdag verdiende ik dan 3 gulden vijftig, maar ik had mijn zakgeld.

Kijk je met veel plezier terug op je jeugd?  

Jazeker. Ik vond het fijn thuis. Mijn vader was mijn grote voorbeeld. Hij was heel sociaal, hielp veel mensen. Hij zat bij de katholieke vakbond, op het zangkoor, bij het toneel. Hij schreef levenslopen voor (bruiloft)feesten en kon prachtig voordragen op rijm. Later was hij ook mantelzorger voor zijn buren. Tot het einde toe is hij scherp gebleven – hij wist alles, kon overal over praten. Vier jaar geleden is hij, nadat mijn moeder al op haar 70ste was overleden, op 92-jarige leeftijd rustig thuis gestorven, omringd door al zijn kinderen. Hij zei zelf: 'Het is goed zo.' We maakten nog grappen. Dit was zijn motto: we maken er maar een feestje van. Ik mis hem wel, hoor.

Hoe is jouw schoolcarrière verlopen?

Ik ben begonnen op de lagere school in Langeraar, daarna naar het Bonaventuracollege in Leiden, bij de paters. In de zomer fietsen, in de winter met de bus. Ik begon op de HAVO maar stapte over naar de MAVO, deels door al dat reizen en onzekerheid. Op de MAVO was het eigenlijk een makkie – boekhouden en dat soort dingen, dat lag me gewoon. Op mijn 17e had ik mijn MAVO-diploma. Daarna moest ik gaan werken; er moest thuis financieel bijgedragen worden.

Je hebt daarna een mooie loopbaan opgebouwd. Hoe zag die eruit?

Ik begon op de administratie bij een klein bedrijf op een industrieterrein in Ter Aar. Daarna bij Samsom, een grote uitgeverij – ik leerde er incasso's, klachtenafhandeling, alles. Tussendoor studeerde ik 's avonds door: PD, MBA, SPD1, SPD2. Op mijn 27e had ik eigen klanten op een accountantskantoor en deed ik alles voor hen: omzetbelasting, inkomstenbelasting, vermogensbelasting en de loonadministratie. Daarna ben ik administrateur geworden bij een tuinbouwbedrijf in Ter Aar en doorgegroeid naar financieel directeur bij Royal Evelyns en later bij Floréma, na een fusie. Dat was hard werken. We hadden ook offshore bedrijven, onder andere in Brazilië. Ik was veel in het buitenland. Vooral Brazilië was een bijzondere ervaring.

In 2009 verloor je je baan. Dat moet een zware periode zijn geweest.

Dat was inderdaad zwaar. Het waren drie klappen achter elkaar: de reorganisatie, het overlijden van een van mijn broers in 2007, in 2008 ben ik gescheiden en in 2009 raakte ik mijn baan kwijt. Toen ging het lampje uit. Ik heb met hulp van een psycholoog rust gevonden in mijn hoofd. Na een uitstapje bij een bedrijf in de weefselkweek in Heerhugowaard ben ik voor mezelf begonnen – een administratiekantoor. Ik heb mkb'ers geholpen, interim opdrachten gedaan, bedrijfsovernames begeleid. Vorig jaar heb ik mijn laatste grote project afgerond bij een bedrijf in Nieuwkoop.

Nu ben je aan het afbouwen. Wat betekent dat concreet?

Ik word in juni 67, en dan ga je nadenken. Ik neem geen nieuwe klanten meer aan. De belastingaangiftes voor particulieren doe ik nog wel – met name voor ouderen. Dat is eigenlijk ook vooral een sociaal gebeuren. Ik ben dan drie kwartier bezig met de aangifte zelf, maar het zijn ook mensen die hun verhaal willen vertellen. Sommige zijn best alleen en krijgen weinig bezoek. De mooie gesprekken die je dan hebt brengen ook mij heel veel.

Je bent ook al heel lang actief voor het CDA. Hoe is dat begonnen?

Ik ben inderdaad al zo'n 37 jaar lid van het CDA. Ik werd er door vrienden van de stichting Jeugdgebouw De Schakel toe verleid. In Liemeer heb ik ook drie jaar in de gemeenteraad gezeten vóór het dualisme en de fusiegemeente Nieuwkoop. Daarna had ik het met werk en gezin te druk. Maar ik bleef altijd op de achtergrond betrokken en actief – als ‘de boekhouder van de CDA-afdeling Nieuwkoop’, zeg maar. Ik zat op de achtergrond, want daar zit ik graag. Maar ik volgde alles goed en hielp en dacht mee in de luwte waar ik kon.

Waarom heb je besloten nu naar voren te treden als kandidaat voor de gemeenteraad, namens CDA Nieuwkoop?

Ik wil me sterk maken voor een aantal zaken. In de eerste plaats de dorpskernen in onze gemeente. Als ik kijk naar hoe de aandacht verdeeld wordt binnen de gemeente Nieuwkoop, dan lijkt het soms alsof de kleine kernen er bekaaid van afkomen. Dorpsraden zijn een stap, maar dat mag echt veel meer zijn. Ik wil me sterk maken voor het voorzieningenniveau in de kernen, bijvoorbeeld een multifunctioneel verenigingsgebouw in Nieuwveen. En ik heb met mijn kennis en ervaring ook iets te brengen op het vlak van de gemeentelijke financiën en subsidies. Nieuwkoop is gelukkig financieel gezond. Dat is een prestatie – maar je moet er alert op blijven. Onze wethouder Antoinette Ingwersen heeft wat dat betreft topwerk geleverd de afgelopen jaren.

Je doet heel veel vrijwilligerswerk. Vertel eens.

Ja dat ging eigenlijk vanzelf. Ik ben sinds oktober 2025 penningmeester van de KBO afdeling Nieuwveen-Zevenhoven – een afdeling van de grootste ouderenorganisatie in Nederland en ook in de regio. Daarvoor zat ik in het stichtingsbestuur van een zorgboerderij, waar we via fondswerving 80.000 euro hebben opgehaald voor de tuin en inrichting. Ik zat in het bestuur van de kerk in Nieuwveen, bijna 10 jaar penningmeester van Stichting Kinderopvang Liemeer en help allerlei verenigingen bij de financiën op de achtergrond. Ik zit in het Comité Vrijwilligersprijs Nieuwkoop en heb bijvoorbeeld de voetbalclub in Nieuwveen aantal jaren geleden geholpen toen het even nodig was. Als een organisatie financiële problemen heeft, zeg ik zelden nee.

Met de KBO ga je je nu extra richten op ouderen. Wat kom je bij hen tegen?

Eenzaamheid, dat kom ik veel tegen. Mensen met een klein pensioentje die het rustig aan moeten doen. Dan doe ik de belastingaangifte, krijgen ze 180 of 190 euro terug, en kijken ze al weken uit naar mijn komst. Ik hoef er ook vaak niets voor te krijgen, maar dan zetten ze soms toch een pak koekjes voor me klaar. De digitalisering is voor velen een echt probleem. Ik had laatste iemand die nog alles op papier deed. Middels DigiD bleek hij recht te hebben op huurtoeslag – ik haalde zo 6.000 euro op voor die mensen. Ze waren hartstikke blij. Dát geeft me heel veel energie.

Hoe hou je dit allemaal vol? Heb je ook tijd voor jezelf?

Ik word er juist blij van, door anderen te helpen. Dat is dus òòk tijd voor mezelf! Net als mijn vader vroeger. Op maandag komen mijn kinderen en kleinkinderen met z'n negenen bij me eten – dat is heilig. Ik heb een kaartclubje elke laatste vrijdag van de maand. Ik was vroeger altijd onderweg, altijd bezig, en dat ben ik nu eigenlijk nog steeds. Met anderen dingen, dat geeft me veel voldoening. Het is nooit een last geweest. Als je ergens een probleem hoort, is het voor mij geen moeite om te helpen. Dat heb ik met de paplepel ingegoten gekregen van mijn ouders en zo ben ik dus nu eenmaal.