
25 maart 2026
08 april 2026 5 minuten lezen
Duiding van de uitslag van de verkiezingen van 18 maart 2026
We zijn opgelucht dat de opkomst hoger is dan vier jaar geleden. Maar 40% is nog steeds veel te weinig en landelijk de laagste score, dus blijft er onverminderd veel werk aan de winkel om de Rotterdammer te laten horen, zien en voelen dat de lokale politiek ertoe doet en dat we met z’n allen de democratie hebben te beschermen door op z’n minst onze stem te laten horen.
Voor het CDA was de uitslag niets minder dan een deceptie omdat we op één zetel bleven steken. En voor de talloze mensen die de afgelopen weken tegen mij en mijn partijgenoten hebben gezegd dat we meer hadden verdiend en ons meer was gegund heb ik maar één boodschap: had dan op ons gestemd.
Maar, ook al is de deceptie groot, ons glas is halfvol: we hebben zowel absoluut als procentueel fors gewonnen, zijn van de 11e partij de 7e partij van de stad geworden en hebben voor het eerst in 36 jaar een verkiezingsoverwinning geboekt. Het CDA Rotterdam voelt zich dus gesterkt, heeft energie en ambitie en is vol vertrouwen in de toekomst.
De verkiezingscampagne draaide helaas vooral om de polariserende slogan 'Links of Leefbaar’ en het werd links én leefbaar. Wij lieten eerder al optekenen dat de stad niet zat te wachten op de zoveelste strijd tussen links en rechts omdat we er niks mee opschieten als we eerst vier jaar naar rechts en daarna vier jaar naar links buigen. Maar het was wel wat we kregen en dat is ook in de uitslag duidelijk te zien, die weerspiegelt de opgezochte polarisatie.
Maar volgens het CDA moeten we in deze wereld, in dit land en in deze stad, voorbij links of rechts en voorbij progressief of conservatief. We leven in de eindfase van een wereld die we kennen en we moeten naar de beginfase van een wereld die we nog niet kennen. Everything has to change to stay the same. Zeg het maar: is dat conservatief of progressief?
Het is in de eerste plaats aan politiek leiders om de weg te wijzen naar die nieuwe wereld en die nieuwe stad en ons over die weg te leiden. Daar heeft de Rotterdammer niet alleen vandaag of morgen, maar tot in lengte van jaren wat aan. Niet in de laatste plaats al die Rotterdammertjes die nu klein, maar straks groot zijn.
Dit alles vereist wat het CDA betreft visie, verbinding en vakmanschap.
Visie
Er is een gedeelde visie nodig op de stad die we willen worden. Een stad waar generaties na ons net zoveel van kunnen houden als wij.
Een visie waarin we de wooncrisis aanpakken door te werken met ontwikkelaars die waarde willen toevoegen aan de stád in plaats van alleen aan de business case. Dan kunnen we de eindeloze discussies over percentages laag-, midden- en hoger segment overbruggen.
Een visie waarbij we opvang, zorg, ondersteuning en betaalbaar wonen bieden om dakloosheid te bestrijden. Dan kunnen we een brug slaan tussen duurzame oplossingen en het direct aanpakken van zichtbare symptomen. En dat geldt ook voor veiligheid. Het gaat niet alleen om extra handhaving of inzet op preventie. Een stad met visie doet beiden en voor de lange termijn, in de wetenschap dat voorkomen altijd beter is dan genezen.
We hebben een visie op de haven nodig waarin we de ondernemers in de haven vertrouwen en bouwen op hun ondernemersinstinct dat ze altijd de weg zal wijzen naar een duurzaam verdienvermogen en dus een haven vaninnovatie in plaats van overslag, distributie en fossiele industrie. En als je als stadsbestuur dan deuren in Brussel en Den Haag weet te openen, ontwerp je de Rotterdamse haven opnieuw als toegangspoort naar Europa, hét continent van de kwaliteit. Zo overbrug je verschillen tussen aan de ene kant ondernemers wegpesten door ze met regels te overladen en aan de andere kant ondernemers pamperen die op de stad parasiteren.
Met een langjarige en positieve visie op de stad kunnen we armoede écht te lijf gaan door een integrale aanpak gericht op onderwijs, werk & inkomen, wonen en welzijn voor een kansrijke toekomst voor Rotterdammers. Dan hoef je geen goede sier te maken met het uitgeven van geld dat op de plank is blijven liggen omdat je twee voorgangers er zo kort zaten dat ze nooit de kans kregen het uit te geven.
Als je een visie hebt op de stad dan zie je vanzelf een florerend stadscentrum voor je als autoluwe, groene en schone verblijfplaats waar iedereen wel graag wil winkelen, zaken doen en wonen. Dan overbrug je de kortzichtige verschillen tussen partijen over autootje pesten, wel een baan of geen baan extra in het tunneltracé of het een paar weken tijdelijk afsluiten van de Meent en sla je de handen ineen met ondernemers in de binnenstad om het samen voor elkaar te krijgen.
Verbinding
Hoe groot we onszelf ook wel eens wanen aan de Coolsingel, Rotterdam is, wordt en blijft vooral gebouwd op de schouders van sterke gemeenschappen, in verbinding met elkaar en ondersteunt en versterkt door de talloze sociale initiatieven die iedere dag opnieuw vanzelf ontstaan. Dát is Rotterdam, in al haar verscheidenheid, diversiteit en veelkleurigheid.
Een sterk stadsbestuur moet de kunst verstaan zich naast en achter al deze initiatieven te scharen en er als overheid voor hen te zijn als er hulp nodig is. In nauw contact en afstemming met onze wijkraden, die in de haarvaten van de stad zitten. Zo’n stadsbestuur in verbinding met de stad zal het niet overkomen dat er bij het sluitend maken van de begroting per ongeluk een kaalslag plaatsvindt op precies dat wat een samenleving veerkrachtig maakt.
Vakmanschap
Rotterdam is een stad van vakmanschap, maar aan de Coolsingel leggen we de lat voor het vakmanschap van onze politiek-bestuurders niet hoog genoeg. Als bestuurder van de tweede stad van Nederland heb je actief deuren te openen in Den Haag en Brussel en doe je er per definitie alles aan om voor je voorstellen een brede meerderheid in de raad te organiseren. Een coalitiemeerderheid van 23 of 25 zetels in de Rotterdamse raad maakt dus niet zoveel verschil. 18 kamerleden, 5 ministers en 3 staatssecretarissen in Den Haag en 188 zetels in Brussel des te meer.
Deze stad verdient het om bestuurd te worden voorbij de horizon van een raadsperiode van vier jaar. Zoals de fractievoorzitter van PRO al schreef in zijn brief aan de verkenner: ‘De stad vraagt om een politiek van de lange adem die de grote opgaves aanpakt. Voor minimaal de komende tien tot twintig jaar.’ En als CDA vullen wij aan dat daar het doorbreken van de status quo en bestuurlijk lef en vakmanschap voor nodig is.
Advies van de verkenner
Als CDA Rotterdam hebben wij dit alles in twee fijne, inhoudelijke en vertrouwenwekkende gesprekken verteld aan de verkenner. En we hebben aangegeven dat we graag en met veel positieve energie en ambitie hieraan onze bijdrage willen leveren.
Ook al adviseert de verkenner nu eerst een variant met drie van de vier zittende partijen, waarbij slechts de grote rechtse partij ingeruild wordt voor de grote linkse: de deur van het CDA stond en staat open. Onze energie is niet gekraakt, onze liefde voor Rotterdam is niet afgenomen en onze ambitie voor deze wereldstad is onverminderd groot. Wees welkom!