
05 augustus 2026

We leven niet langs elkaar heen, maar met elkaar. In buurten, op scholen en bij sportclubs zorgen mensen voor elkaar. Vrijwilligers en mantelzorgers maken de stad sterker. CDA-Amsterdam koestert wat goed gaat en helpt waar nodig. De gemeente ondersteunt, maakt regels eenvoudiger en geeft ruimte. Zo kunnen Amsterdammers er voor elkaar zijn. Niemand mag tussen wal en schip vallen.
We zorgen voor sterke buurten waar mensen elkaar kennen en helpen. Vrijwilligers, verenigingen en buurtinitiatieven maken de stad socialer en veiliger. Het CDA steunt hen en maakt het makkelijker om iets voor elkaar te doen.
Dit gaan we doen:
Wie werkt, moet vooruit kunnen. Te veel Amsterdammers hebben moeite om rond te komen. Schulden en armoede houden mensen vast. Het CDA kiest voor hulp die werkt en perspectief geeft.
Dit gaan we doen:
Iedereen verdient een veilige plek. Niemand mag op straat leven zonder hulp. Het CDA kiest voor opvang met zorg, begeleiding en uitzicht op een eigen woning.
Dit gaan we doen:
6.1. We behouden en versterken buurtbudgetten en zorgen voor stabiele, meerjarige financiering van buurtverenigingen, buurthuizen en buurtteams, zodat bewoners en lokale initiatieven hun buurten leefbaarder, socialer en sterker kunnen maken.
6.2. We versterken ontmoetingsplekken zoals buurthuizen, bibliotheken en andere sociale centra en zorgen dat ze toegankelijk zijn voor alle Amsterdammers, met rolstoelvriendelijkheid en betaalbare voorzieningen.
6.3. We investeren in sociaal contact door weekendopenstelling van buurthuizen vanuit de sociale basis, want eenzaamheid beperkt zich niet tot doordeweeks. We stimuleren hierbij ook welzijn op recept, zodat mensen actief mee kunnen doen in de samenleving en niemand aan de zijlijn blijft staan.
6.4. We stimuleren actief de samenwerking tussen het verenigingsleven en de zorg- en welzijnsinstellingen, omdat levendige verenigingen een preventieve rol spelen op het gebied van gezondheid, welzijn en eenzaamheid.
6.5. We ontzorgen en ondersteunen vrijwilligers, omdat zij het hart vormen van de gemeenschap. We verminderen regels en bieden praktische hulp zoals parkeerplaatsen, zodat zij hun belangrijke werk kunnen blijven doen.
6.6. We stimuleren alle Amsterdammers om zich in te zetten als vrijwilliger, bijvoorbeeld bij buurtinitiatieven, sportverenigingen of andere lokale projecten, zodat betrokkenheid en gemeenschapszin groeien.
6.7. We houden de terrasbelasting voor sportverenigingen af en ondersteunen hen bij het vergroten van het ledenaantal en het versterken van hun maatschappelijke rol in de wijk.
6.8. We vergroten de weerbaarheid van de stad door trainingen voor inwoners in elk stadsdeel aan te bieden, zoals EHBO, buurthulp bij noodsituaties en inzet van vrijwillige stadsreservisten bij evenementen of grootschalige gebeurtenissen. Voor elk adres moet duidelijk zijn waar de dichtstbijzijnde huisarts is. Ook moeten inwoners weten bij welke instanties ze terecht kunnen tijdens langdurige stroomuitval, uitval van internet en mobiele netwerken, of andere noodsituaties waarin we op onszelf zijn aangewezen. Hiermee zorgen we ervoor dat Amsterdam veerkrachtig is in de momenteel instabiele wereld.
6.9. We maken beleid samen met Amsterdammers, met een gelijkwaardig gesprek waarin inwoners daadwerkelijk invloed hebben, inclusief de stille meerderheid. We zorgen dat participatietrajecten zorgvuldig, doelgericht en met duidelijke kaders verlopen, zodat beslissingen tijdig kunnen worden genomen.
6.10. We stimuleren betrokkenheid bij kinderen via het ‘suikeroom- en suikertantepakket’, dat we samen met lokale ondernemers organiseren. Met dit laagdrempelige pakket kan iedere Amsterdammer aan een kind een dagje uit of bijzondere ervaring aanbieden, zoals een bezoek aan Artis. Zo versterken we gemeenschapszin en zorgen dat alle kinderen vaker mooie momenten beleven.
6.11. Amsterdammers helpen elkaar om op eigen benen te staan. Daarnaast kan de gemeente de meest kwetsbare Amsterdammers (of diegenen in een schrijnende situatie) gericht en ruimhartig helpen. Zij krijgen snelle toegang tot ondersteuning en weten waar ze aan toe zijn.
6.12. We zorgen dat werken loont, ook voor wie deeltijd werkt of een laag inkomen heeft. Daarom verhogen we de individuele inkomenstoeslag voor mensen met een langdurig laag inkomen en ondersteunen we werkgevers met advies, subsidies en loonkostensubsidies om beter betaalde of flexibele banen te creëren.
6.13. We vereenvoudigen bestaanszekerheidsbeleid en maken de uitvoering minder bureaucratisch en transparanter. De vele regelingen en ingewikkelde processen leiden nu vaak tot niet-gebruik, dat moet eenvoudiger en duidelijker.
6.14. We zetten in op het verder terugdringen van kinderarmoede. Alle kinderen moeten mee kunnen doen in de maatschappij, en we wijzen actief op beschikbare steun voor sport, school en andere activiteiten.
6.15. We voorkomen dat gezinnen op straat komen te staan en steunen de voortzetting van bestaand beleid. Bij dreigende huisuitzetting wordt vroegtijdige hulp geboden, met extra aandacht voor gezinnen met kinderen. Daarbij werken we samen met woningcorporaties en zorgverleners om diepe schulden en dakloosheid te voorkomen.
6.16. We kiezen voor een mensgerichte handhaving bij schuldenproblematiek. We steunen een signaal-gestuurde aanpak, zijn terughoudend bij hoge boetes en werken samen met het Rijk om stapeling van schulden te voorkomen. Het CDA wil dat de gemeente alleen nog werkt met incassobureaus die zich aan de wet houden.
6.17. We versterken de zorg voor kwetsbare ouderen door coördinatie tussen formele en informele zorg, een vast aanspreekpunt, huisbezoeken, ontmoetingsplekken en meer contact tussen generaties. Ook zorgen we voor gevarieerde woonvormen dichtbij zorg en behouden we essentiële voorzieningen in de buurt.
6.18. We zoeken voor MBO-studenten, naast het behalen van een startkwalificatie, naar mogelijkheden voor een startbaan in overleg met werkgevers. De succesvolle stageaanpak zetten we door.
6.19. We spreiden gemeentelijke kantoorbanen beter over de stad, ook buiten de ring, zodat werkgelegenheid niet alleen in de binnenstad geconcentreerd blijft.
6.20. We zetten in op meer opvangplekken voor dak- en thuisloze Amsterdammers, bij voorkeur met begeleiding richting zelfstandigheid. Creatieve oplossingen zoals dubbele benutting van gebouwen worden onderzocht.
6.21 We intensiveren de opvang van dakloze arbeidsmigranten, met kortdurende opvang en begeleiding naar werk of terugkeer. Vroege signalering via wijkteams en “Work-in-Nederland” (WIN-) punten voorkomt langdurige dakloosheid. Ook maken we afspraken met werkgevers om te voorkomen dat arbeidsmigranten op straat belanden.
6.22. We nemen verantwoordelijkheid voor een menswaardige opvang van asielzoekers en ongedocumenteerden. Spreiding en draagvlak in buurten worden actief ondersteund. De bed-bad-broodvoorziening blijft beschikbaar, gekoppeld aan medewerking aan terugkeeronderzoek.
6.23. We ondersteunen lokale initiatieven die statushouders helpen met inburgering, taal, werk en sociale binding. Ook projecten waarin ze bijdragen aan de samenleving, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk of sport, worden gestimuleerd.
6.24.We ontwikkelen intensieve integratieprogramma’s voor statushouders in de eerste vijf jaar na ontvangst van de status, met taaltraining, buddy-systemen en werkervaring.
6.25. We stimuleren dat statushouders ervaring opdoen in het arbeidsproces via stages, vrijwilligerswerk of gemeentelijke projecten, zodat ze sneller zelfstandig kunnen meedoen in de samenleving.
6.26. We zetten in op het vergroten van taal- en cultuurvaardigheden voor alle nieuwkomers, zodat ze actief kunnen deelnemen aan de samenleving en sneller sociale netwerken opbouwen.