Wonen
Moet weer kunnen
Onze stad groeit snel. Veel Amsterdammers vinden geen passende woning. In buurten zien we achterstallig onderhoud, schimmel en stijgende erfpacht. Dat moet anders.
Het CDA kiest voor een stad waar bouwen en wonen samengaan met leefbaarheid, betaalbaarheid en betrokken buurten.
Dit gaan we doen:
- We bouwen jaarlijks 7500 betaalbare woningen voor gewone Amsterdammers.
- We maken ruimte voor gezinnen, starters, middeninkomens en senioren.
- We zorgen voor sterke buurten, mooie architectuur en eerlijk erfpachtbeleid.
Met daadkracht en in samenwerking met bewoners pakken we de problemen concreet aan. Zo maken we wonen weer mogelijk voor iedereen.
Onze oplossingen.
Erfpacht
Wij willen eerlijke, rechtvaardige en transparante erfpacht. Wij zijn de enige partij die zich hier keihard voor inzetten. Dit willen wij:
- Alle erfpachters, ook gemengde bestemmingen en kopers ná 2020, kunnen alsnog overstappen op “eeuwigdurend erfpacht” via de spijtoptantenregeling onder de voorwaarden zoals die golden vóór 8 januari 2020. Er volgt een nieuwe, begrijpelijke en aangetekende brief conform richtlijnen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
- De consumentenbescherming wordt op orde gebracht: invoering van een verplichte “erfpacht-bijsluiter” voor kopers, uniforme en proactieve voorlichting, volledige uitvoering van de ACM-aanwijzingen.
- De prijsverhogingen via de rekenformule worden teruggedraaid, zodat erfpachtlasten redelijk en voorspelbaar zijn en bestaanszekerheid wordt beschermd.
- Het grondbedrijf van de gemeente Amsterdam beheert een erfpacht portefeuille van meer dan 30 miljard euro (vergelijkbaar met het balanstotaal van een middelgrote bank). Om het toezicht beter te organiseren, richten we onafhankelijk toezicht in voor erfpacht, vergelijkbaar met een ‘Raad van Commissarissen’ bij een financiële instelling.
Wonen moet weer kunnen
Amsterdam groeit snel, maar te veel mensen vinden geen geschikte woning. Het CDA zet in op betaalbare woningen voor gezinnen, starters, middeninkomens en senioren. Bouwen moet hand in hand gaan met leefbare, sterke buurten en onderlinge betrokkenheid.
Focuspunten:
- 7.500 nieuwe woningen per jaar.
- Ruimte voor gezinnen, starters en ouderen.
- Bouwen zonder dat leefbaarheid verloren gaat.
Meer bouwen, slimmer bouwen
Amsterdam moet meer bouwen, maar op een slimme manier. Het CDA wil:
- Flexibele spelregels: 30% sociale huur, 40% middelduur, 30% duur per
stadsdeel. - Projecten die gericht zijn op gezinnen, starters en ouderen mogen afwijken van de 30/40/30-regel.
- Hoogbouw concentreren bij stationsgebieden.
- Nieuwbouw op rangeerterreinen, remises en bovengrondse parkeergarages voor ouderenwoningen.
Doorstroming en passend wonen
Woningen moeten terechtkomen bij degenen die ze het hardst nodig hebben. Het CDA wil:
- Passend wonen: gezinswoningen alleen voor gezinnen; leeggekomen woningen worden opnieuw toegewezen.
- Renovatie of sloop/nieuwbouw per wijk, afhankelijk van behoefte.
- Meer koopwoningen en betere doorstroming in sociale huur.
- Ruimte maken voor Begijnhof van de 21 e eeuw: kleinschalige woonvormen voor senioren en alleenstaanden met gedeelde voorzieningen.
- Inschrijven voor Woningnet: 50-plussers actief attenderen op kansen.
- Betaalbare woningen voor studenten en éénpersoonshuishoudens.
Aanvalsplan woningkwaliteit
Goede woningen zijn belangrijk voor iedereen. Het CDA voert een plan uit om schimmel, tocht, vocht en asbest structureel aan te pakken, gekoppeld aan isolatie, ventilatie en duurzame verwarmingssystemen.
Bouwen met oog voor de stad
Amsterdam blijft een mooie stad door zorgvuldig bouwen:
- Haven-Stad als laatste groot bedrijvengebied om te zetten naar wonen.
- Optoppen en transformatie van kantoorlocaties voor extra woningen.
- Hoogbouw bij OV-knooppunten, maar met aandacht voor duurzaamheid en leefkwaliteit.
- Transformatie van kantoorlocaties naar woon-werkwijken.
- Lutkemeerpolder behouden als natuur- en landbouwgebied.
- Samenwerken met waterschappen voor veilige woongebieden.
Lees al onze oplossingen
Volkshuisvesting
1.1. Amsterdam moet meer bouwen. Daarvoor wil het CDA de spelregels voor nieuwbouwprojecten verruimen. Wij kiezen voor een uitgangspunt van 30% sociale huur, 40% middel-dure huur of koop, en 30% dure huur of koopwoning. We passen dit toe op stadsdeelniveau, niet per project. Daarmee willen we de bouw lostrekken: bouwers krijgen meer flexibiliteit, en wijken behouden een goede woningmix.
1.2. Het CDA wil prioriteit geven aan specifieke doelgroepen: gezinnen, jongeren en starters, en (alleenstaande) ouderen. Wanneer een project gericht is op deze doelgroepen, willen we de strenge 30/40/30 regel loslaten. Met deze flexibiliteit ontstaat ruimte voor plannen die beter aansluiten bij de behoeften van de stad, en die tegelijk financieel haalbaar zijn voor ontwikkelaars. Zo kunnen er in één project grote, betaalbare woningen voor gezinnen worden gebouwd, naast compactere woningen voor starters en ouderen in het middel-dure of duurdere segment.
1.3. We richten ons op een betere doorstroming binnen de huursector en op méér koopwoningen. We maken afspraken over ‘passend wonen’ met corporaties, zoals het verruimen van verhuisregelingen (bestaand en nieuw). Ook willen we een nieuwe, voorwaardelijke contractvorm voor nieuwe huurders. Daarmee bedoelen we: een gezinswoning in de sociale huur mag alleen door een gezin bewoond worden; gaan de kinderen uit huis, dan wordt de woning vrijgemaakt voor een nieuw gezin (en krijgen de achterblijvende ouders een vervangende woning aangeboden).
1.4. De gemeente spreekt maatwerk af met corporaties qua renovatie van bestaande wijken. In sommige wijken meer voorkeur voor sloop/nieuwbouw, en in andere wijken meer renovatie.
1.5. We willen niet alleen veel en snel bouwen, maar ook op een duurzame en mooie manier: bij nieuwbouw en transformatie schenken we aandacht aan esthetiek en stijl waar de ‘Amsterdamse School’ in de vorige eeuw beroemd mee is geworden.
1.6. We willen dat corporatiewoningen op de begane grond beschikbaar blijven voor ouderen of mensen die slecht ter been zijn. Mochten zulke woningen te koop komen, dan koopt de gemeente ze om ze alsnog aan deze doelgroepen aan te bieden.
1.7. We herzien het voorrangsstelsel voor sociale huurwoningen, zodat ook mensen zonder ‘label’ een eerlijke kans op een woning krijgen. We doen dit samen met onze buurgemeenten in de Metropoolregio. Het stelsel wordt zo simpeler en duidelijker.
1.8. Amsterdam gaat ruimte maken voor het Begijnhof van de 21e eeuw: kleinschalige wooncomplexen voor senioren of alleenstaanden om zelfstandig te wonen, maar met gedeelde voorzieningen zoals logeerstudio’s, gemeenschappelijke tuin of zorgpost. We passen de regels aan om zulke ‘nieuwe’ woonvormen mogelijk te maken.
1.9. De gemeente stuurt 50-plussers voortaan een brief, om hen erop te wijzen zich in te schrijven voor Woningnet. Zo maken zij in de toekomst een kans op een betaalbare en geschikte woning.
1.10. De gemeente regelt de bouw van voldoende woningen voor studenten en éénpersoonshuishoudens met betaalbare huur. De regels voor woningdelen en kamercontracten kunnen versoepeld worden of vergunningsvrij gemaakt worden.
1.11. We zetten in op een offensief voor meer gezinswoningen, ook in hoogbouw. Een substantieel deel van nieuwbouwprojecten moet bestaan uit gezinswoningen met meerdere slaapkamers en beschikken over een opbergruimte. In de plint van gebouwen willen we ruimte voor gedeelde voorzieningen.
1.12. Het CDA wil dat ontwikkelaars voldoende nieuwe woningen opleveren. Ultraluxe woningen zijn geen prioriteit, ook in hoogbouwprojecten we willen een focus op een gezinsvriendelijke stad.
1.13. We starten een Amsterdams aanvalsplan woningkwaliteit. We voeren één geïntegreerd programma uit voor versnelde sanering van asbest en aanpak van schimmel- en vochtproblematiek, steeds gekoppeld aan isolatie, goede ventilatie en een lage-emissie warmtesysteem. Projecten die deze maatregelen bundelen krijgen prioriteit, zodat de woonkwaliteit tegelijk verbeteren.
1.14 Het CDA wil corporaties meer ruimte geven om te differentiëren in aanvangshuur bij nieuwe contracten: in sommige wijken kunnen huren dichter bij de ‘liberalisatiegrens’ liggen (bijvoorbeeld 80% of 90%), terwijl in andere buurten juist lagere huren gehanteerd worden. Zo ontstaat meer variatie in het woningaanbod en kan de sociaal-economische samenstelling van wijken beter in balans komen.
ERFPACHT
1.15. Alle erfpachters, ook gemengde bestemmingen en kopers ná 2020, kunnen alsnog overstappen op “eeuwigdurend erfpacht” via de spijtoptantenregeling onder de voorwaarden zoals die golden vóór 8 januari 2020. Er volgt een nieuwe, begrijpelijke en aangetekende brief conform richtlijnen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
1.16. De consumentenbescherming wordt op orde gebracht: invoering van een verplichte “erfpacht-bijsluiter” voor kopers, uniforme en proactieve voorlichting, volledige uitvoering van de ACM-aanwijzingen.
1.17. De prijsverhogingen via de rekenformule worden teruggedraaid, zodat erfpachtlasten redelijk en voorspelbaar zijn en bestaanszekerheid wordt beschermd.
1.18. Het grondbedrijf van de gemeente Amsterdam beheert een erfpacht portefeuille van meer dan 30 miljard euro (vergelijkbaar met het balanstotaal van een middelgrote bank). Om het toezicht beter te organiseren, richten we onafhankelijk toezicht in voor erfpacht, vergelijkbaar met een ‘Raad van Commissarissen’ bij een financiële instelling.
BOUWEN
1.19. We zetten ons in voor de realisatie van Haven-Stad als grootschalige woningbouwlocatie. Wel is onze voorwaarde dat de bedrijven in dit gebied verplaatst kunnen worden binnen Amsterdam, om werkgelegenheid en concurrentiepositie van het havengebied te behouden.
1.20. Voor het CDA is Haven-Stad het laatste grote bedrijvengebied dat omgezet wordt naar wonen, omdat we ook ruimte voor bedrijven - inclusief maakindustrie – in Amsterdam zelf nodig hebben. De gemeente moet nieuwe bedrijven ruimte kunnen aanbieden binnen de gemeentegrenzen.
1.21. We willen een actievere grondpolitiek voeren om als stad meer planologische regie op de volkshuisvesting te krijgen. Dit betekent dat de gemeente “ontwikkelgebieden” zal aanwijzen waar gemeentelijk voorkeursrecht van toepassing wordt. Met erfpachtkorting en grondprijsdifferentiatie kunnen we werken aan doelstellingen rondom betaalbaarheid, grootte van woningen en gewenste voorzieningenniveau.
1.22. We willen in de grootschalige infrastructuur van Amsterdam wijzigingen aanbrengen. Zo moeten rangeerterreinen en remises verder buiten de stad geplaatst worden, bovengrondse parkeergarages zo veel mogelijk omgezet worden in woonbestemmingen voor ouderen en willen rondom stationsgebieden werken aan verdichting met hoogbouw.
1.23. We realiseren een duizenden extra woningen via optopping (extra verdiepingen bovenop bestaande bouw). Verenigingen van Eigenaren kunnen gratis juridisch en technisch advies krijgen via een gemeentelijk “Optop-loket” om optoppen te stimuleren. We bieden redelijke erfpachtopslagen en gespreide betalingen.
1.24. Eenvoudige en kleine bouwvergunningen worden binnen enkele weken afgehandeld; de gemeente moet haar dienstverlening op peil hebben. Daarnaast gaat de gemeente leegstand actief tegen: de gemeente treedt streng op tegen leegstand langer dan zes maanden (wettelijke termijn), en volgt meldingen snel op.
1.25. Het CDA wil hoogbouw prioriteit geven rondom OV-knooppunten. In het beleid letten we hierbij op duurzaamheid, maar ook schaduw- en windhinder en stedelijke kwaliteit.
1.26. We versnellen de transformatie van verouderde kantoorlocaties naar gemengde woon-werkwijken. Zo kunnen duizenden extra woningen worden gebouwd zonder daarvoor groen op te offeren of de UNESCO-status van de binnenstad in gevaar te brengen. Voorbeelden zijn: locaties langs de Ring A10, Sloterdijk, Hondsrugpark/Amstel III en het Hamerkwartier.
1.27. We willen de Lutkemeerpolder behouden als natuur- en landbouwgebied. Het CDA wil dit prachtige gebied behouden voor natuur-inclusieve vormen van landbouw en recreatie.
1.28. Bij het bouwen van nieuwe woningen moet de gemeente nauw samenwerken met de waterschappen, als Amstel, Gooi & Vecht, zodat wonen in laaggelegen gebieden in en rondom Amsterdam veilig is en veilig blijft.
ERFGOED
Amsterdam is een stad van ongekende schoonheid. Monumenten, historische wijken en karakteristieke gebouwen vertellen ons verhaal en geven de stad haar ziel. Voor het CDA is stedenbouwkundige kwaliteit een onderscheidend punt: wij willen niet alleen veel en snel bouwen, maar ook mooi.
1.29. We behouden historische winkelpuien door een meerjarige subsidieregeling. Zo blijven karakteristieke gevels tot hun recht komen in het straatbeeld en hebben pandeigenaren de tijd om renovatiewerkzaamheden te plannen en met subsidie uit te voeren.
1.30. Mooi en op duurzame wijze bouwen staat centraal bij nieuwbouw en transformatie; esthetiek, stijl en duurzaamheid zijn voor ons een investering in de leefbaarheid van de stad.
1.31. Het 20e-eeuws erfgoed brengen we systematisch in beeld en beschermen we waar nodig, net zoals eerder is gedaan met het 19e-eeuwse erfgoed.
1.32. Verduurzamen van monumenten gebeurt altijd met maatwerk: we maken heldere spelregels per type monument en ondersteunen eigenaren via gezamenlijke trajecten zoals de clusteraanpak.
1.33. Kleine publieke gebouwen, zoals transformatorhuisjes, geven we een elegante uitstraling, zodat ook deze bijdragen aan een mooi en samenhangend straatbeeld.
1.34. In het UNESCO-gebied zorgen we voor een consequente aanpak van graffiti, ook op particuliere panden, zodat de historische binnenstad zijn unieke karakter behoudt.





