
05 september 2024
10 juni 2026 1 minuten lezen
Op woensdag 10 juni werden de jaarstukken en de ontwerpbegroting van het OV-bureau Groningen-Drenthe besproken in de commissie. CDA-commissielid Pim van Teffelen gaf aan dat het OV-bureau in 2027 staat voor een aanzienlijke opdracht: de rol van betrouwbaar openbaar vervoer vergroten in een lastig tijdsgewricht. De CDA-fractie beschouwt openbaar vervoer als randvoorwaarde voor verbinding en steunt de ingeslagen weg van het OV-bureau.

Aanzienlijke opdracht
In de ontwerpbegroting heeft het OV-bureau het thema “Mee(r) met het OV” centraal gesteld. Het OV-bureau wil hiermee richting geven aan de ambitie om in 2040 het gebruik van het openbaar vervoer te hebben verdubbeld. Van Teffelen steunt deze ambitie, maar wijst ook op de onzekere tijden waarin het OV-bureau zich bevindt: stijgende (brandstof)kosten door wereldwijde conflicten en lagere opbrengsten uit emissierechten met een geïndexeerde deelnemersbijdrage als gevolg.
Amendement-Grinwis
Van Teffelen spreekt de hoop uit dat door het amendement-Grinwis meer middelen beschikbaar worden gesteld voor het openbaar vervoer. Deze incidentele middelen voor 2026 en 2027 kunnen mogelijk het toekomstige resultaat in positieve zin beïnvloeden, alhoewel de uitkomst nog onzeker is.
Verbinding als randvoorwaarde
Van Teffelen sluit zijn bijdrage af met het belang van het openbaar vervoer: “Verbinding is voor het CDA een leidende waarde als een opdracht. Het openbaar vervoer is daarvoor een randvoorwaarde. We gaan samen met het OV-bureau verder op de ingeslagen weg en zien af van het indienen van een zienswijze over de ontwerpbegroting 2027.”
Lees hier de gehele bijdrage van Pim van Teffelen

05 september 2024

15 mei 2024