1. Thuis in de gemeen­schap

Wij geloven in een samenleving waarin ontmoeten centraal staat. We komen elkaar steeds minder tegen. Juist in een wereld waarin we steeds meer polarisatie zien. Inwoners met verschillende opvattingen, van verschillende afkomst, andere levensovertuigingen, een andere opleiding of een ander inkomensniveau. Het resultaat is onbegrip. We begrijpen onze eigen bubbel maar al te graag, maar een andere overtuiging komt steeds minder bij ons binnen. 

Ook is er sprake van een toename van inwoners die eenzaamheid ervaren. Daarbij denken we traditioneel aan de ouderen in de stad, maar steeds vaker zien we de eenzame jongeren in onze stad. 

Na de COVID periode is er iets veranderd waardoor jongeren elkaar en anderen minder ontmoeten.  En dat terwijl de huidige maatschappij steeds meer van onze jongeren vraagt: hogerop komen, presteren, studeren, werken, sociale contacten aangaan, bestuurswerk doen en ga zo maar door. We moeten kijken naar wat jongeren nodig hebben om ze in hun kracht te zetten. Want we weten één ding zeker: we hebben ze de komende jaren hard nodig.  Als CDA vroegen we aandacht voor het welzijn en de mentale gezondheid van jongeren. Gezamenlijk met de gehele raad, onder leiding van het CDA, is er meer aandacht gekomen voor suïcide(gedachten) onder jongeren. 

In dit verkiezingsprogramma besteden we aandacht aan het stimuleren van ontmoeting in de stad. 

Of dat nou op het gebied van zorg, verenigingsleven, vrijwilligerswerk of sport is. 

Daarnaast hebben we een duidelijke behoefte van professionals en vrijwilligers vernomen: samenwerken. Het verbinden van zorg, armoederegelingen, wijkvertegenwoordiging, ontmoeting, eenzaamheidsbestrijding, bewegen en nog veel meer initiatieven. Het wordt steeds belangrijker dat we weten welk aanbod er is in onze stad, om zo ook de juiste begeleiding te kunnen bieden. 

We kiezen voor ruimtes waar we elkaar ontmoeten, waar verbinding en elkaar helpen centraal staat. Dat kan in de traditionele wijkcentra, maar ook veel vaker op andere locaties zoals kerken, de bibliotheek, verengingen en zorgcentra. 

Het CDA gelooft in een samenleving waarin de mens centraal staat, de samenleving op één, dan pas volgt de markt of de rol van de overheid. We moeten samen uit onze problemen komen, soms juist zonder die markt of de overheid. Onze plannen maken dat weer mogelijk. Voor u, voor ons. 

 

1.1 Publieke ruimte voor ontmoeting 

 

1.1.1     We investeren in wijkcentra. We willen dat in wijkcentra zoveel mogelijk hulpverlening en ontmoeting bij elkaar wordt gebracht. Buurtteams zijn al in wijkcentra te vinden, maar hier kunnen we nog veel meer combineren. Denk aan hulpverleningsorganisaties zoals Bindkracht10, handhaving, de wijkraad en wijkregisseurs. Ook kan de huisvesting van zorgprofessionals zoals de huisarts hier steeds vaker mee gecombineerd worden. Dit zorgt voor duidelijkheid bij de inwoners, maar ook voor bekendheid met elkaar bij zorgprofessionals en hulpverleners op het gebied van armoede en bewegen. 

1.1.2    We realiseren meer ontmoetingsruimte in de wijk zoals een huiskamer in het wijkcentrum.  

1.1.3     De bibliotheek is bij uitstek een locatie om ontmoeting te versterken. Er komt al een bibliotheek in Nijmegen Noord. We willen ervoor zorgen dat hier ook veel ruimte is voor ontmoeting, gesprek, culturele programma’s en het stimuleren van participatie. 

1.1.4     (Sport)verenigingen, kerken, gebedshuizen en moskeeën kunnen ook fungeren als locatie van ontmoeting. Daarbij moet centraal staan dat iedereen welkom is. De gemeente werkt samen met deze partijen als gelijke partners. 

1.1.5     Als gemeente willen we ruimte geven voor stichtingen en hulporganisaties om zich te vestigen in publieke gebouwen. Denk hierbij aan wijkcentra, maar indien mogelijk stimuleren we ook de samenwerking met bijvoorbeeld kerken. Wij zien meerwaarde wanneer stichtingen die hulpverlening bieden bij bijvoorbeeld armoede, eenzaamheid of zorg, gehuisvest zijn op locaties waar zij ook in aanraking komen met het professionele zorgcircuit of de ambtenarij. 

1.1.6 We richten oude pleinen en niet benutte parkeerruimte in tot verblijfsruimte, zoals een parkje of speeltuin.

1.1.7     Ontmoeten en groen gaan zoveel mogelijk samen. De plaatsen waar ontmoeting plaats kan vinden versterken we met groen, als park of met een gezamenlijke vijver. 

1.1.8     We zorgen dat de gemeente meewerkt aan autoluwe zondagen in woonstraten. Dit zijn initiatieven waarin de auto op bepaalde momenten minder ruimte krijgt in de straat. Bijvoorbeeld voor een gezamenlijke buurtfeest. Het is cruciaal dat inwoners die afhankelijk zijn van de auto hierin niet worden belemmerd. 

1.1.9     Zomerse initiatieven met water in de buurt.We staan tijdelijke buurtzwembaden zonder vergunning toe. Bij ruimtelijke inrichting zorgen we dat er waterpleinen en fonteintjes in buurten ontstaat zodat kinderen hier, in de verkoeling, kunnen spelen in de zomer. 

 

1.2 Wonen en ontmoeten 

 

1.2.1 We leggen extra focus op het realiseren van ontmoetingsruimtes in studentencomplexen en panden van woningcorporaties.

1.2.2     Wijkgerichte woningbouwprojecten krijgen voorrang en extra financiële ondersteuning wanneer wonen wordt gecombineerd met bijvoorbeeld sport, zorg, jongerenwerk en gezondheid.

1.2.3     We geven meer ruimte aan coöperatieve woonvormen, wonen waarbij inwoners elkaar helpen en ondersteunen. Deze woonvormen gaan voor op ‘regulier’ wonen. Daarbij kan worden gedacht aan het mengen van oudere doelgroepen met studenten, jongeren en jonge gezinnen.  

1.2.4     We creëren regelruimte voor woonverenigingen. Het moet makkelijker worden om een woonvereniging op te zetten. We bieden de mogelijkheid waarbij de gemeente garant staat voor (een deel) van de hypothecaire lening van woonverenigingen. Zo kunnen jonge starters gemakkelijker een duurdere woning aanschaffen.  

1.2.5     Samen met woningbouwcorporaties zorgen we voor meer tijdelijke woonlocaties zoals ‘Binder’. Dit zijn, vaak grote (flat)gebouwen waarbij een deel beschikbaar wordt gesteld aan mensen die wegens omstandigheden snel een betaalbare en tijdelijke woonruimte zoeken. Denk hierbij aan statushouders en inwoners die dakloos dreigen te raken na een scheiding of faillissement.  De keuken en sanitaire voorzieningen kunnen worden gedeeld om ontmoeting te faciliteren. We zorgen wel voor begeleiding in deze woonvorm, juist omdat hier ook kwetsbare groepen worden gehuisvest. 

1.2.6     We geven voorrang binnen de sociale huur, aan jongeren die in de eigen wijk willen blijven wonen. Deze voorrangsregeling bieden we in ieder geval aan voor wijken waar vergrijzing of het verdwijnen van de sociale cohesie dreigt. 

1.2.7 Om ruimte te maken voor gezinnen helpen weouderen in een te groot huis een kleiner, betaalbaar huis, in de stadte vinden. 

1.2.8 Bewoners die al langer in een wijk wonen, geven we voorrang bij ontwikkelingsprojecten in de eigen wijk. Zo heeft een wijkbewoner gemakkelijker toegang tot een nieuwbouwproject in de eigen wijk. 

1.2.9     We geven woningcorporaties korting op de grondprijs wanneer er gemeenschappelijke ruimtes worden gebouwd, we investeren in sociale huur. 

1.2.10  We verwachten van woningbouwcorporaties dat gemeenschapszin en het faciliteren van ontmoeting centraal wordt gesteld in de ontwikkeling van woonruimte.

1.2.11      Samen met woningbouwcorporaties stellen we ‘wijkbeheerders’ aan. De wijkbeheerder draagt zorgt voor facilitaire zaken omtrent de gebouwen van woningbouwcorporaties maar kan bijvoorbeeld ook bewoners met elkaar in contact brengen. De wijkbeheerder kan ook helpen bij het inzamelen van afval in het geval van grote (flat)gebouwen. Denk hierbij aan het tweemaal per week ophalen van het emmertje met groen afval.