11. Zeker­heid van water, warm­te en elek­tri­ci­teit

We zien steeds vaker dat zekerheden die er altijd zijn geweest minder vanzelfsprekend worden. Zo zijn er grote vraagstukken over de overbelasting van het elektriciteitsnet, bedrijven kunnen niet uitbreiden en woonwijken hebben de uitdaging om tijdig aangesloten te worden. 

Het warmtenet is ook zeker een belangrijk dossier binnen onze stad. De transitie naar warmtebronnen zoals de ARN vragen om zekerheid van de betaalbaarheid van deze vorm van warmte. 

En ook het watergebruik staat steeds meer onder druk. Landelijk volgen er oproepen bij hete zomers om niet de tuin te sproeien of het opblaaszwembad te vullen. Kortom, meerdere uitdagingen welke het gevolg zijn van de verandering van ons klimaat. We zien een taak van de gemeente om een visie op de toekomst te ontwikkelen en voorbereid te zijn. 

 

11.1 Water voor de stad 

 

11.1.1   Bij de herinrichting van straten, wijken en pleinen zorgen we voor infiltratievoorzieningen. Denk hierbij aan wadi’s of afvoer van hemelwater met een toekomstbestendig karakter. Maar er kan ook worden gedacht aan waterdoorlatende parkeerplaatsen en stoepen. 

11.1.2   We ontwikkelen een lokale watervoorzieningsstrategie. Hierbij brengen we de risico’s voor drinkwaterlevering in kaart, samen met Vitens en omliggende gemeenten. Onderdeel van deze strategie is een analyse op wijkniveau. 

11.1.3        Bij grote bedrijfsvergunningen verplichten we waterhergebruik.

11.1.4   We helpen bewoners, als gemeente, actief bij te hoge grondwaterstanden.  Bij overlast zorgen we voor beleidsmaatregelen die ertoe leiden dat de overlast wordt weggenomen. Bij kritische gevallen kiezen we ervoor als gemeente bewoners financieel te ondersteunen. We zorgen bij plekken met wateroverlast voor goede afwatering en priorteren goede afwatering boven infiltratie. 

11.1.5 We zorgen voor de opslag van drinkwater voor inwoners van de stad. In het geval van droogte of bij vervuiling van het leidingwater zorgen we voor distributie van drinkwater door de stad heen. 

 

11.2 Warmte voor de stad 

 

11.2.1   Aansluiting van wijken op het warmtenet moet zoveel mogelijk kostenneutraal plaatsvinden. Wanneer bewoners gemotiveerd moeten worden om over te stappen op een andere warmtebron, mag het niet zo zijn dat dit gepaard gaat met grote financiële onzekerheid. Bijvoorbeeld door warmtenetwerk beperkt te privatiseren, waarbij de gebruikers overgeleverd raken aan één marktpartij. We stellen een maximaal bedrag vast voor de aansluitkosten. 

11.2.2   We richten een wijkwarmtefonds op. Hierin nemen we een financiële buffer op voor de huishoudens die worden aangesloten op het warmtefonds. Bij dreigende energiearmoede wordt het wijkwarmtefonds benut om garant te staan voor inwoners die de rekeningen niet kunnen betalen. 

11.2.3 We maken afspraken op regionaal en nationaal niveau over de verdeling van warmtebronnen. Op dit moment kent Nijmegen een grote afhankelijkheid van de ARN als warmtebron.

11.2.4   Gebouwen die zijn aangesloten op blokverwarming, en daarbij onzekerheid en hoge energierekeningen ervaren, geven we prioriteit. We gaan in gesprek met de beheerders en zetten in op beleid dat onzekerheid wegneemt. 

 

11.3 Elektriciteit voor de stad 

 

11.3.1   We ontwikkelen een actieve samenwerking tussen net beheerders en de gemeente om netcongestie tegen te gaan. Hierbij nemen we de netbeheerders tijdig mee in de (uitbreidingsplannen) voor de stad. 

11.3.2   We zorgen voor een lokaal netwerk aan oplaadpunten (batterijen) om energie op te slaan. Dit stimuleren we bijvoorbeeld bij grote bedrijven. Zo kunnen we op piekmomenten het net ontlasten. 

11.3.3   We informeren bewoners actief over verduurzamingsmaatregelen en de meest gunstige en efficiënte momenten om elektriciteit te verbruiken. 

11.3.4    We onderzoeken de mogelijkheid voor tijdelijke energiehubs tegen netcongestie. Dit zijn clusters waar het opwekken en het opslaan van energie wordt gecombineerd. 

11.3.5   We stimuleren elektrisch rijden. In overleg met belangrijke partners stellen we een strategisch plan op voor het netwerk van laadpalen en parkeerplaatsen in de stad.