
25 juni 2026
07 juli 2026 5 minuten lezen
Afgelopen raadsvergadering gaf ons gewaardeerde raadslid Fouad Arrabbany zijn maidenspeech. Door middel van een vrije motie vroeg hij aandacht voor 'buddybankjes', een initiatief tegen eenzaamheid op scholen dat is begonnen door basisschoolkinderen zelf. In zijn speech heeft Fouad het over zijn grote inspiratiebron: zijn opa Mohamed Arrabbany. Bekijk hier de inspirerende maidenspeech terug.
Voorzitter: Dat brengt ons bij de vrije moties. Dat zijn er vijf. We beginnen met buddybankjes. Daarvoor geef ik het woord aan de heer Arrabbany van het CDA. Het is zijn Maidenspeech. We hebben een mooie avond vanavond.
Fouad Arrabbany:
Dank u wel, voorzitter.
Even voordat ik ga beginnen met mijn Maidenspeech, ik ga even oplezen, want anders ben ik bang dat ik heel erg ga uitweiden. En dan ga ik jullie besparen, het is al een lange dag geweest. En ik moest even lachen net, want ik heb een collega uit het team gevraagd om mijn Maidenspeech mee te lezen. En wij moesten lachen toen wij naar de klok keken, want het was acht uur, en ik hoop dat u zo meteen gaat herkennen waarom wij daarover moesten lachen.
Voorzitter, ik heb acht jaar lang met de gedachte rondgelopen of ik me verkiesbaar moest stellen als raadslid. Acht jaar lang getwijfeld, acht jaar lang in gesprek met raadsleden en wethouders over waarom ik het wel of niet moest doen. En nu, eindelijk, na acht jaar, sta ik voor u om mijn Maidenspeech uit te spreken en mijn eerste motie in te dienen.
Het heeft even geduurd, maar toen ik nadacht over wat ik vandaag wilde zeggen, kwam ik er al snel achter dat het zo had moeten zijn. Want één ding wist ik zeker: ik wil het over mijn bron van inspiratie hebben.
Mijn opa, Mohamed Arrabbany, een van de eerste acht Marokkanen in Eindhoven. In Stratum verbleef hij met zeven andere Marokkaanse gastarbeiders in een woning waar vandaag de dag nog steeds een van de families woont. Mijn opa heeft meegeholpen aan de groei van Eindhoven, letterlijk en figuurlijk. Hij werkte bij een bedrijf dat stroomkwaliteit aanlegde naar nieuwe woningen, nieuwe straten en nieuwe wijken.
Toen hij ongeveer na acht jaar zijn gezin naar Nederland mocht halen, regelde hij meteen werk voor zijn oudste zoon, mijn vader, nadat hij zijn LTS-diploma had behaald. Mijn vader heeft daar zijn 25-jarig jubileum gevierd. Hij trotseerde de strenge winters van de jaren 80 en 90 en de warme zomers die daarop volgden. Waar ik iets minder trots op ben, is dat mijn vader ook de allereerste flitspalen in Eindhoven heeft aangelegd — maar ach, iedereen doet wel eens domme dingen.
Mijn vader groeide op in een nieuwe omgeving, waar hij zich snel aanpaste en de taal leerde. Na het werk ging hij met vrienden naar Dynamo, muziek maken, lachen en verhalen delen. In het weekend gingen ze naar het Stratumseind om een colaatje te drinken en nieuwe mensen te leren kennen. Zijn verhalen klonken altijd braaf, maar de foto's zeggen iets anders: hij had een grote afro, wijde pijpen en bloezen met van die grote kragen — qua stijl zou hij zo bij Volt passen.
Op vrijdagmiddag gingen we naar de moskee. Of eigenlijk naar een kleine ruimte die de gemeente destijds beschikbaar stelde, omdat er nog geen moskee was. Een plek waar mensen samenkwamen. Een plek die al snel te klein werd omdat de gemeenschap groeide. Met ongeveer veertig mensen besloten ze: dit moet anders. Ze kochten een oude kippenfabriek aan de Visserstraat voor 40.000 gulden en legden daarvoor ieder 1.000 gulden in. Zo ontstond de eerste moskee van Eindhoven. Een plek van ontmoeting, van steun en van verhalen. Een plek waar mensen elkaar hielpen.
Mijn opa was een bijzonder man. Een grappenmaker, een verbinder, iemand die sfeer bracht. Hij leerde snel en sprak al gauw goed plat Brabants — zijn zinnen eindigden altijd met "witte wè" en "witte nie", en dat zorgde altijd voor een lach. Hij sprak ook vloeiend Turks. Zijn bijnaam was Hadj Atwaki, de Turkse Hadji (pelgrim). Hij hielp, verbond en bracht mensen samen, ook buiten zijn gemeenschap. Op zijn werk werd hij voorman, omdat hij met iedereen kon praten en mensen begreep.
We luisterden graag naar zijn verhalen over zijn reis, lopend vanuit Marokko naar Algerije, naar Corsica en uiteindelijk door heel Europa naar Nederland. Een reis vol tegenslagen — versleten schoenen, beroofd worden, buiten slapen — maar ook vol menselijkheid: mensen die hem eten en onderdak gaven. Daar was hij de Romeinen altijd dankbaar voor. Hij noemde Europeanen "Romeinen". Hij dacht dat Nederlanders zo rijk waren dat ze geld op hun vensterbanken lieten liggen, totdat hij ontdekte dat dat gewoon voor de melkboer was.
Toen de gemeenschap groeide en zijn moskee te klein werd, had hij nog één droom: een plek waar iedereen samen kon komen, waar iedereen welkom was — voor geloof, voor hulp, voor een maaltijd of gewoon voor een luisterend oor. Die moskee is er uiteindelijk gekomen, opnieuw aan de Visserstraat. Maar die heeft hij helaas nooit meer gezien.
Hij kwam als een van de eerste acht Marokkanen naar Eindhoven. Hij was ook een van de eerste acht overledenen aan corona in deze stad. Moge God zijn daden accepteren en hem het paradijs schenken. En los van het geloof: hij was iemand die gaf om zijn stad en zijn mensen.
Ik hoop dat ik in zijn voetsporen mag treden. Dat ik ooit kan zeggen dat ik ook heb bijgedragen aan de ontwikkeling van Eindhoven, aan een stad waar mensen zich thuis voelen. Na acht jaar heb ik eindelijk de stap gezet als nummer acht op de kieslijst van CDA in Eindhoven.
Voorzitter, ik sta hier vandaag niet alleen met een persoonlijk verhaal, maar ook met een opdracht. Een sterke samenleving begint bij mensen die naar elkaar omkijken. Daarom waren wij zo enthousiast toen wij hoorden over het initiatief van leerlingen van basisschool De Hasselbraam. Zij zagen dat sommige kinderen zich op het schoolplein soms alleen voelden en besloten daar zelf iets aan te doen.
Dat vinden wij een prachtig voorbeeld. Want wat deze leerlingen laten zien is precies wat wij als CDA belangrijk vinden: verantwoordelijkheid nemen voor elkaar. Buddybankjes zijn geen wondermiddel, maar het zijn de kleinste initiatieven die de grootste boodschap uitdragen. De leerlingen van De Hasselbraam laten zien dat een inclusieve samenleving begint met aandacht voor elkaar.
Het CDA, D66 en PRO nemen met deze motie het voortouw om dat voorbeeld te volgen. Tot zover.
(Applaus)

25 juni 2026

11 juni 2026

26 mei 2026