Verkeer en vervoer

29 oktober 2026 1 minuten lezen

CDA pleit nog­maals voor aan­dacht voor nood­za­ke­lijk auto­ge­bruik op het plat­te­land

Het CDA is teleurgesteld dat er in de provinciale begroting voor volgend jaar opnieuw weinig oog is voor de inwoners van het platteland die zijn aangewezen op hun auto voor werk, studie of winkelen. 

‘Er wordt sterk ingezet op actieve mobiliteit, op stappen en trappen. Maar heeft u de auto nog op uw netvlies?’, vroeg Statenlid Sanne Winkels aan gedeputeerde Martijn Dadema in de commissie Verkeer en Vervoer.

Dadema vond het een onterecht verwijt. ‘We verbieden niets, dat beeld wil ik wegnemen. We willen niet de automobilist pesten, maar juist de bereikbaarheid vergroten voor wie de auto nodig heeft.’ Hij verwees daarbij naar de provinciale inzet voor het veiliger maken van wegen en dan met name de N35, N36 en N50.

Dat laatste wilde Winkels wel erkennen. ‘Het goed onder de aandacht brengen van de Overijsselse belangen heeft zich vertaald in de toezegging van het Rijk op een groot deel van onze ambities op mobiliteit. Dat niet alles ruimte heeft gekregen, is spijtig. Maar als CDA willen we toch ook onze waardering uiten voor wat wél gelukt is.’

CDA-Statenlid Jacob Spiker, inmiddels wethouder in Staphorst, noemde het in maart ‘omslachtig en onnodig duur’ als iemand vanuit een dorp naar de stad gaat en de auto aan de rand van de stad moet parkeren, om vervolgens verder te gaan met de bus. 

Het CDA kwam in de commissie ook met het voorstel om het Regionaal Mobiliteitsprogramma (RMP) niet tegelijk met de begroting te behandelen, maar in januari zodat alle fracties meer tijd hebben om het RMP te beoordelen en eventuele wensen en bedenkingen te uiten. Dat voorstel kreeg brede steun.

Lees
ver­der