Schriftelijke vragenLandbouw

22 augustus 2026 2 minuten lezen

CDA Tub­ber­gen: houd land­bouw­grond beschik­baar waar dat kan

CDA-raadslid Ruben ter Braak heeft namens CDA Tubbergen schriftelijke vragen gesteld over de grondwateronderzoeken in het Springendal en Dal van de Mosbeek. Aanleiding zijn metingen van het RIVM naar de grondwaterkwaliteit en de resultaten die daarover dit voorjaar zijn gepresenteerd.

Voor Ter Braak en CDA Tubbergen is vooral van belang wat deze onderzoeken uiteindelijk betekenen voor de landbouwgronden in het gebied. Ons uitgangspunt is helder: landbouwgrond die aantoonbaar niet nodig is voor het behalen van natuurdoelen, moet waar mogelijk beschikbaar blijven voor de landbouw.

Eerst zorgvuldig naar de resultaten kijken

Sinds 2022 worden in en rond het Natura 2000-gebied Springendal en Dal van de Mosbeek onderzoeken uitgevoerd om de grondwaterkwaliteit in beeld te brengen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het bovenste grondwater op landbouw- en natuurpercelen.

Uit de beantwoording van het college blijkt dat de onderzoeksresultaten in mei zijn gepresenteerd. De resultaten laten gemeten waarden en verschillen tussen jaren en soorten percelen zien. Wat deze resultaten precies betekenen voor eventuele maatregelen in het gebied, is echter nog niet vastgesteld. De provincie werkt aan deze nadere duiding, die naar verwachting in het najaar van 2026 volgt.

CDA Tubbergen vindt het belangrijk dat deze informatie zorgvuldig wordt betrokken bij verdere keuzes voor het gebied.

Landbouwgrond behouden waar dat mogelijk is

Een belangrijke vraag van Ruben ter Braak was of landbouwgronden die niet nodig zijn voor het behalen van de natuurdoelen bij de landbouw kunnen blijven en dus niet hoeven te worden afgewaardeerd.

Landbouwgrond die aantoonbaar niet nodig is voor het behalen van natuurdoelen, moet waar mogelijk beschikbaar blijven voor de landbouw

Rubenter Braak hr Ruben ter Braak
Fractievoorzitter

Het college kan zich vinden in het uitgangspunt dat landbouwgronden die aantoonbaar niet nodig zijn voor het behalen van de natuurdoelen, zoveel mogelijk landbouwkundig beschikbaar moeten blijven. Op dit moment kan volgens het college nog niet worden vastgesteld voor welke gronden dit geldt. Daarvoor is eerst de nadere duiding van de onderzoeksresultaten nodig.

Daarnaast speelt de uitspraak van de Raad van State over het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) een rol. Ook de gevolgen van deze uitspraak worden nog nader bekeken.

Voldoende grond is belangrijk voor agrariërs

CDA Tubbergen vraagt nadrukkelijk aandacht voor de gevolgen die het afwaarderen van landbouwgrond kan hebben voor agrarische ondernemers.

Boeren hebben voldoende grond nodig voor hun bedrijfsvoering en om te kunnen voldoen aan verschillende wet- en regelgeving en maatschappelijke wensen. Denk daarbij aan grondgebondenheid, het sluiten van kringlopen, extensivering en ruimte om koeien in de wei te houden.

Het college erkent deze uitdaging. In de beantwoording wordt aangegeven dat agrariërs voldoende grond nodig hebben om aan verschillende regels te kunnen voldoen. Ook stelt het college dat agrarische bedrijvigheid nu én in de toekomst onmisbaar is voor het behoud van de kwaliteiten die kenmerkend zijn voor dit gebied.

Voor CDA Tubbergen onderstreept dit waarom zorgvuldig met beschikbare landbouwgrond moet worden omgegaan.

Ook aandacht voor afspraken over kavelruil

Ruben ter Braak vroeg het college daarnaast naar eerder gemaakte afspraken over een mogelijke structuurverbetering van de landbouw door middel van kavelruil.

Het college verwijst daarbij naar een toezegging van de provincie uit 2021. De provincie heeft destijds aangegeven bereid te zijn tot kavelruil wanneer er na afronding van alle gebiedsprocessen grond overblijft.

Volgens het college zijn verschillende processen nog niet afgerond. Pas daarna kan worden vastgesteld welke gronden eventueel beschikbaar zijn en kan de provincie, indien nodig, op de eerdere toezegging worden aangesproken.

Zorgvuldig omgaan met landbouwgrond

Voor CDA Tubbergen is het belangrijk dat natuurdoelen worden gerealiseerd op een manier die ook oog houdt voor de toekomst van de landbouw en de leefbaarheid van het buitengebied.

Daarom blijven wij ervoor pleiten om landbouwgrond niet onnodig aan de agrarische sector te onttrekken. Waar uit onderzoek blijkt dat gronden niet nodig zijn voor het behalen van natuurdoelen, moet serieus worden gekeken naar de mogelijkheid om deze landbouwkundig beschikbaar te houden.

CDA Tubbergen blijft de onderzoeksresultaten, de verdere uitwerking door de provincie en de gevolgen voor agrariërs in het Springendal en Dal van de Mosbeek nauwlettend volgen.

Lees hier de beantwoording van de schriftelijke vragen

Lees
ver­der