
09 februari 2026
04 maart 2026 1 minuten lezen
De fractie van het CDA in de Provinciale Staten van Utrecht draagt Gijs de Kruif voor als nieuwe gedeputeerde in de provincie Utrecht. Hij volgt Mirjam Sterk op, die op 23 februari is beëdigd als minister. Als Provinciale Staten instemmen met de voordracht, gaat De Kruif vanaf 18 maart 2026 aan de slag als gedeputeerde. Hij wordt verantwoordelijk voor de portefeuille Natuur en Landbouw, Transitie Landelijk Gebied, Groen Groeit Mee en Europa.

Met De Kruif kiezen we oor een bestuurder met een landelijk profiel en diepe wortels in zowel landbouw als natuurbeheer. Hij is momenteel directeur-bestuurder van het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug en was eerder wethouder in Woudenberg, met onder meer ruimtelijke ordening, financiën, duurzaamheid en water in zijn portefeuille. Ook was hij lid van Provinciale Staten in Utrecht en vervulde hij diverse regionale bestuursfuncties. Daarnaast is hij beëdigd rentmeester en al jaren actief in gebiedsontwikkeling en landbouwvraagstukken. Juist die combinatie maakt dat hij zich goed kan inleven in wat er leeft in het buitengebied, waar de komende periode grote keuzes moeten worden gemaakt.
De komende maanden staan in het teken van het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG), op dit moment één van de belangrijkste dossiers voor de provincie. Chris Westerlaken (fractievoorzitter): “Met Gijs kiezen we voor ervaring, inhoudelijke kennis en verbindend vermogen. De provincie heeft heldere doelen vastgesteld voor natuur, water en landbouw. Het UPLG vormt daarbij het vertrekpunt en het programma waarmee we gaan werken.”
De Kruif is vereerd met zijn voordracht en ziet ernaar uit om aan de slag te gaan: “Het UPLG gaat niet in de prullenbak. De doelen staan. Mijn verantwoordelijkheid is om het programma verder te versterken en waar nodig bij te stellen, zodat het uitvoerbaar blijft. De ruim 1.700 zienswijzen neem ik serieus en ik kijk zorgvuldig naar wat dat betekent voor de verdere uitwerking. Ook de landelijke ontwikkelingen betrek ik daarbij. Dat doen we samen binnen het College, met oog voor wat werkt in de praktijk.”
Volgens De Kruif vraagt de transitie om balans: “De steden en het landelijk gebied zijn geen tegenpolen, maar onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wat we doen in het buitengebied heeft gevolgen voor de stad, en andersom. Net als het landelijk gebied staat ook het stedelijk gebied voor grote opgaven, zoals woningbouw, bereikbaarheid en leefbaarheid. Die keuzes moeten we in samenhang maken. Ik ken beide werelden en beweeg me al mijn hele werkzame leven op het snijvlak daarvan. Dat helpt om me in te leven in de zorgen én ambities die leven in zowel het buitengebied als de stad. Juist daarom zoek ik nadrukkelijk de balans tussen beide.”

09 februari 2026

28 januari 2026

22 januari 2026