Wie is Tobias?

Op 19 april 1996 heeft dit duo-raadslid het levenslicht gezien. Ik ben geboren en getogen in de Zaanstreek, net als mijn moeder. Mijn vader is afkomstig uit Chili maar kwam (al) rond zijn 21ste naar Nederland en werd, naast mijn moeder, ook smoorverliefd op ons koude kikkerlandje.  

Al op jonge leeftijd was ik erg geïnteresseerd in de politiek, de publieke zaak en werk met maatschappelijke impact. Zodoende ben ik op mijn vijftiende begonnen als scheidsrechter voor de plaatselijke korfbalvereniging.

In 2014 koos ik de Universiteit Leiden uit om mijn studie Bestuurskunde te volgen. De belangrijkste reden voor deze keuze was de stad. Ik was direct verkocht toen ik voet zette op Leidse bodem. De bruisende binnenstad in combinatie met de relatieve kleinschaligheid van Leiden in vergelijking met steden als Utrecht en Amsterdam, zette mij ertoe om in deze stad te studeren. In 2016 vestigde ik mij definitief in Leiden, werd lid van studentenvereniging NSL en begon te werken voor de Universiteit en het CDA als fractiemedewerker. Eerst heb ik op de Klikspaanweg (de Klik) gewoond. Sinds 2019 woon ik in Leiden-Noord, vlakbij de Vrije School het Mareland.

Waar ik mij in de Raad voor inzet:

Een sterke samenleving maken we met elkaar

“Wie deelt, kan vermenigvuldigen”. Een slogan die de spijker op z’n kop slaat. Ik zal mij blijvend inzetten voor een stad waarin solidariteit is met de hulpbehoevenden en probleemjongeren in de Leidse samenleving. Niet alleen heeft de gemeente daarin een verantwoordelijkheid. De overheid kán en heeft namelijk niet voor elk probleem een juiste oplossing. Van belang is dan ook dat wij, Leidenaren, blijven omkijken naar de ander en helpen waar nodig. Samen bereiken we meer dan alleen.

Goed en efficiënt gebruik van sportaccommodaties

Leiden kent erg veel accommodaties die nog stammen uit de tijd van onze grootouders. Het is mijn inziens broodnodig dat de gemeente meer werk maakt van het renoveren en/of het vernieuwen van onze sportaccommodaties. Sommige Leidse sporthallen, kantines en kleedkamers vallen van treurnis uit elkaar. Dit kan én mag niet in een tijd waarin blijkt hoe belangrijk fysieke gezondheid is.

Onze Leidse ouderen mogen niet in de koud staan

In de afgelopen maanden hebben ouderen het zwaar gehad. Door het coronavirus werden veel van onze grootouders noodgedwongen “opgesloten” in hun huis of kamer. Daarnaast voelen ze zich vaak meer een last dan een zegen. Stuitend. Het mag niet zo zijn dat de mensen die ons land hebben opgebouwd waardoor wij in veel rijkdom leven, zich nu niet gewenst voelen. Ik zal mij ten alle tijden blijven inzetten voor een prachtige “oude dag”, goede voorzieningen voor ouderen en strijden tegen eenzaamheid of de gedachte dat ouderen een last zijn.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.