Leidschendam-Voorburg | 11. Financiën

11. Finan­ci­ën

Het CDA zet zich in voor een economie die mensen in staat stelt een waardig en zelfstandig leven te leiden, waarin solidariteit en rechtvaardigheid centraal staan. Wij geloven dat een sterke lokale economie, verantwoorde overheidsfinanciën en werkgelegenheid de basis vormen voor een samenleving waarin iedereen mee kan doen. 

Het CDA staat voor eerlijke belastingen en heffingen. De begroting van een gemeente is vaak voor driekwart afhankelijk van inkomsten van het Rijk. Lokale heffingen en belastingen dragen dus relatief weinig bij. Het CDA kiest ervoor dat deze lokale heffingen en belastingen eerlijk worden verdeeld en besteed moeten worden aan de doelen waarom ze worden geheven. De afvalstoffenheffing is er voor de afvalverwerking en niets anders. 

Uitgangspunten voor het financieel beleid van het CDA zijn én blijven: zorgvuldigheid, spaarzaamheid, transparantie en gematigde lokale lasten. 

Concreet betekent dit:

1. Sparen en weerstandsvermogen.

De hoogte van de gemeentelijke uitgaven en investeringen vormt geen doel op zich. Ze dragen bij aan een maatschappelijk doel. We leven niet in de waan van de dag. We zorgen dus ook voor voldoende weerstandsvermogen. Waarbij we sparen voor gewenste investeringen; 

2. Transparantie.

Er is niets geheim aan de uitgaven van de gemeente. Om die reden ontvangen inwoners, bijvoorbeeld bij hun OZB-aanslag, een korte weergave van de uitgaven van het vorige jaar. Declaraties van bestuurders worden op de gemeentelijke website bekendgemaakt. Op de site is ook een duidelijk overzicht te vinden van instellingen die van de gemeente subsidie ontvangen en de taken die men uitvoert. Dit geldt ook voor politieke partijen: zij verantwoorden jaarlijks openbaar hun inkomsten en uitgaven.

3. Grondexploitatie.

De gemeente moet er zijn voor haar inwoners en de belangen van haar inwoners vooropstellen. Het bouwen van woningen of het verkopen van grond mag niet bedoeld zijn om de begroting sluitend te krijgen. De lokale overheid moet een ordelijk financieel beleid voeren en reserveren voor te voorziene lasten van onderhoud van de openbare ruimte en herstructurering.

4. Geen OZB-verhoging, tenzij echt noodzakelijk.

Ook voor de gemeentelijke financiën geldt de menselijke maat. De gemeente staat in dienst van de gemeenschap en zo moet er ook met geld worden omgegaan. Ons uitgangspunt is dat we de Onroerend Zaak Belasting (OZB) enkel verhogen met de inflatiecorrectie. Maar ook hier zijn er voor het CDA geen taboes. Het CDA verhoogt de OZB enkel boven inflatiecorrectie als dat echt noodzakelijk is. Voordat we daartoe overgaan, kijken we eerst kritisch naar de beschikbare gemeentelijke reserves en andere financieringsmogelijkheden. Pas als die ontoereikend zijn én het maatschappelijk nut van de investering voor de hele gemeente is aangetoond, kan een OZB-aanpassing worden overwogen.

5. Vrijstelling OZB startende ondernemers.

Startende ondernemers betalen de eerste twee jaar geen OZB.