12 april 2016

Antwoorden artikel 51 vragen verkeersafwikkeling de Dijk

Onderstaande antwoorden kregen we als fracties van het CDA, PvdA en VVD op de artikel 51 vragen die we gesteld hebben aan het College over de verkeersafwikkeling van De Dijk.

1. Welke uitwerking heeft u gegeven aan onze motie van 1 december 2009 over dit onderwerp, anders dan een enkele zin in de raadsinformatiebrief eind 2010? Welke maatregelen bent u van plan c.q. bereid te nemen om de veiligheid voor de langzaam verkeersdeelnemers te bevorderen?
Het onderwerp verkeersveiligheid is meegenomen in de Wegenstructuurvisie 2010-2025. De Julianalaan en de Vlaardingsedijk zijn daarin niet naar voren gekomen als specifiek aandachtspunt voor de verkeersveiligheid. De Wegenstructuurvisie geeft daarmee geen aanleiding voor aanvullende maatregelen op de Julianalaan en Vlaardingsedijk. Wij blijven aandacht houden voor de verkeerssituatie van langzaam verkeer, zoals fietsverkeer van en naar de scouting en andere locaties.

2. Wordt bij de verkoop van deze en mogelijke toekomstige kavels ook door het College de mogelijke veranderingen in verkeersintensiteit meegenomen in de acquisitie verkenningen danwel in de gesprekken met de mogelijke partners?
De verwachte verkeersaantallen zijn een onderwerp van gesprek met potentiƫle kopers. In het bestemmingsplan zijn specifiek de bedrijven benoemd, die in aanmerking komen voor vestiging op De Dijk (zie artikel 3.1.1.a. van het bestemmingsplan Bedrijventerrein De Dijk). In de Wegenstructuurvisie 2010-2025 is rekening gehouden met een toename van de verkeersintensiteit als gevolg van de realisatie van De Dijk als bedrijventerrein. Er is geen aanleiding om nader onderzoek uit te voeren naar de verkeersbewegingen van individuele bedrijven als deze voldoen aan het bestemmingsplan.

3. Graag verwijzen wij naar het coalitieakkoord; is in kaart wat nodig is in relatie tot de toenemende verkeersintensiteit als gevolg van de vestiging van een vervoersbedrijf, op de Dijk en de ontsluiting naar de Laan 1940-1945? Zo nee, waarom niet en wanneer heeft deze gegevens wel in kaart? Zo ja, wordt deze informatie meegewogen en meegenomen in de onderhandeling bij verkoop van kavels aan de Dijk?
Ja, dat is in kaart. Een vervoerbedrijf valt binnen de kaders waarvoor De Dijk is aangelegd (zie artikel 3.1.1.a. van het Bestemmingsplan De Dijk) en waarmee binnen de verwachte verkeersintensiteiten reeds rekening is gehouden op ons wegennet (zie Wegenstructuurvisie 2010-2025).

4. U bericht ons herhaaldelijk over de aantrekkende interesse in de Dijk en hierover hebben we ook ambities met elkaar afgesproken in het MPG. Op welk moment worden de infrastructurele aanpassingen meegenomen bij de verkoop van kavels? En wanneer acht u deze aanpassingen noodzakelijk?

5. Als uiteindelijke oplossing staat in het coalitieakkoord een nieuwe ontsluiting via de Kade voor zowel de Kade als de Dijk. De ontwikkeling van de Kade is voorlopig nog niet aan de orde, de invulling van de Dijk echter wel. Op welke wijze draagt u zorg voor de realisatie van de afgesproken ambities op het gebied van verkeersintensiteit en verkeersveiligheid op de Prinses Julianalaan en Vlaardingse Dijk?
De volledige vulling van De Dijk is reeds in de Wegenstructuurvisie opgenomen. Daarbij is in het meest uitgebreide scenario (scenario 1) geen aanleiding gevonden voor extra capaciteitsmaatregelen op het wegennet. Vanzelfsprekend blijven wij de verkeersituatie volgen op verkeersveiligheid en doorstroming.

6. Wij kunnen ons goed voorstellen dat de ombouw van de Hoekse Lijn tot lightrail in 2017 een uitgelezen kans is om de voorzieningen voor het langzaamverkeer te verbeteren, bijvoorbeeld door een fietspad tussen de spoorlijn en de begraafplaats door. Kunt u ons voor de Kadernota informeren over de mogelijkheden en onmogelijkheden die de ombouw kan bieden?
In het kader van de ombouw van de Hoekse Lijn zijn wij ambtelijk in gesprek over het verwerven en uitruilen van (vrijkomende) gronden langs de lijn. De exacte grenzen zijn nog onderwerp van discussie. De gronden die wij op deze wijze mogelijk in beheer krijgen, kunnen wij op diverse manieren inzetten. De potentiƫle invulling van de ruimte is daarbij mede afhankelijk van de hoeveelheid ruimte. Zodra de toekomstige beheergrenzen zijn overeengekomen informeren wij u of en op welke wijze maatregelen ten behoeve van het langzaam verkeer genomen kunnen worden.

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.