16 maart 2026 5 minuten lezen

Relus Breeuws­ma over vier jaar wet­hou­der­schap

Relus Breeuwsma (Leeuwarden, 1983) is sinds mei 2022 wethouder in Alphen aan den Rijn namens het CDA. Zijn portefeuille is verkeer en vervoer, recreatie en...

Relus Breeuwsma (Leeuwarden, 1983) is sinds mei 2022 wethouder in Alphen aan den Rijn namens het CDA. Zijn portefeuille is verkeer en vervoer, recreatie en toerisme, buitengebied en Greenport, buitenruimte en parkeren, gebiedsgericht werken. Daarvoor was hij manager bij Rijkswaterstaat, provinciaal voorzitter van het CDA en onder andere politiek adviseur in Rotterdam. Hij is getrouwd en heeft twee dochters en woont sinds 2018 in Hazerswoude-Dorp.

Je eerste termijn zit er op, hoe is het bevallen?

“Het wethouderschap is een prachtige, pittige en verantwoordelijke baan. Voor mij was het fijn dat ik burgemeester Liesbeth Spies al kende, dat hielp bij de start en verder is het in het begin toch een kwestie van kennismaken, inwerken en je eigen draai vinden. Zeker bij kwesties rond mobiliteit en openbare ruimte hielp mijn achtergrond bij Rijkswaterstaat, want je spreekt dezelfde taal.“

Hoe is de samenwerking met de ambtenaren?

“Als wethouder moet je kunnen vertrouwen op je teams, je bent immers eindverantwoordelijk voor alles wat goed én minder goed gaat. Ik ben onder de indruk van de kennis en expertise in de organisatie, de gemeente Alphen aan den Rijn is degelijk georganiseerd. Natuurlijk kunnen er zaken beter en daar werken we raadsbreed aan. Gelukkig gaat er ook heel veel goed en er is een goede onderlinge samenwerking. Als wethouder krijg je de mogelijkheid om echt het verschil te maken. Het is fijn om met inwoners of bedrijven om de tafel te gaan, om ‘gewoon’ te luisteren of zaken samen op te lossen.“

Je hebt in deze periode een brede portefeuille gehad. Verkeer, recreatie, buitengebied, noem maar op. Welke dossier blijft je vooral bij?

“De lobby voor het nieuwe treinstation bij Hazerswoude-Rijndijk, waar uiteindelijk 200 miljoen voor onze regio beschikbaar is gekomen. Dat was geen eenvoudig traject. Je hebt te maken met verschillende overheden, vervoerders en belangen. Toch hebben we als gemeente(n) en provincie samen volgehouden, want dit station is belangrijk voor de bereikbaarheid van onze regio. Dat het uiteindelijk gelukt is om die stap te zetten, is iets waar veel inwoners nog jarenlang de vruchten van gaan plukken.“

Je staat ook bekend om je aandacht en inzet voor het buitengebied en de landbouw en natuur. Wat heb je daar willen bereiken?

“Van thuis uit gaat de sector me aan het hart, inzet plegen voor een goede samenhang tussen bedrijven en natuur is belangrijk. Daarom heb ik me ingezet om de relatie tussen ‘stad en platteland’ te versterken, die twee horen bij elkaar. We hebben elkaar nodig. De afgelopen jaren heb ik veel tijd geïnvesteerd in gesprekken met boeren, ondernemers en inwoners uit het landelijk gebied. Niet alleen bij formele overleggen, maar ook gewoon aan de keukentafel of op het erf. Ik merkte dat er behoefte was aan wederzijds begrip. Boeren hebben te maken met enorme veranderingen, terwijl inwoners uit de stad vaak andere verwachtingen hebben van het landschap en de natuur. Door vaker met elkaar in gesprek te gaan, kun je dat beter verbinden. Daarin hebben we echt goede stappen gezet. Voor de sector is nu een agro-contactpersoon beschikbaar bij de gemeente. Daarnaast is er ook beleid in voorbereiding over hoe je kan omgaan met bedrijfslocaties die in de toekomst niet meer als regulier bedrijf door kunnen gaan. Er is een enorme economische potentie en ondernemerschap in onze gemeente. In de Greenport Boskoop, in de maakindustrie of vanuit toerisme, er is een grote drive om onze producten op de markt te zetten. Daar maak ik me graag hard voor en daar moet ook zeker meer op gaan gebeuren.”

Veel van je portefeuille gaat ook over de fysieke leefomgeving. Wat heb je daar bereikt?

“Een groot deel van het werk als wethouder zit in dingen die mensen misschien niet altijd direct zien, maar die wel heel belangrijk zijn. Denk aan het onderhoud van de openbare ruimte, het rioolstelsel, wegen, groen en ook onze begraafplaatsen. De afgelopen jaren hebben we flink geïnvesteerd om de kwaliteit te verbeteren en achterstanden in onderhoud weg te werken. Het is als wethouder je taak om ook ‘rentmeester’ te zijn, dus verder bouwen en proberen wat je krijgt aangereikt weer beter door te geven aan opvolgers. Als gemeente hebben we onder mijn leiding de systematiek voor het beheer van de openbare ruimte helemaal opnieuw ingericht: meer inzetten op het combineren van werkzaamheden, tussentijds grootonderhoud toepassen zodat de kwaliteit op straat toeneemt en niet onbelangrijk, we werken nu met een programmering van het werk waarbij veel verder vooruit wordt gekeken. In de komende 10 jaar komt de gemeente voor grote investeringen te staan, dat moet je strak inplannen.”

Hoe zou je jouw stijl als bestuurder omschrijven?

“Ik heb altijd geprobeerd een toegankelijke bestuurder te zijn. Dat betekent dat mensen mij moeten kunnen bereiken als ze vragen of zorgen hebben. Besturen gaat niet alleen over besluiten nemen, maar vooral ook over luisteren, zodat je beleid kunt maken dat echt aansluit bij de praktijk. Het contact met vertegenwoordigers uit de dorpen en wijken vind ik heel belangrijk en ik koester de inzet van de vele (super)vrijwilligers die altijd klaar staan voor hun omgeving. Als gemeente moeten we die lijnen goed warm houden en investeren in samenwerking en vertrouwen. Als bestuurder kijk je vaak naar grote projecten en beleid, maar het belangrijkste is: het gaat altijd om mensen. Een onderwerp dat mij persoonlijk raakte, was de confrontatie met de zogenoemde eenzame uitvaarten. Dat zijn situaties waarbij iemand overlijdt zonder dat er familie of nabestaanden zijn die de uitvaart regelen, de gemeente doet dat dan. Het heeft me er nog meer van overtuigd dat we oog moeten houden voor elkaar, zeker voor mensen die misschien minder zichtbaar zijn. Samen met bijvoorbeeld raadsleden willen we hier nu een rol bij spelen, zodat altijd iemand namens de gemeenschap afscheid neemt.”

Hoe zien de komende jaren eruit voor de gemeente Alphen aan den Rijn?

“Met elkaar moeten we de gemeente klaarmaken voor de toekomst. We zijn een absolute groeigemeente. Niet alleen de bouw van nieuwe woonwijken – en dus extra inwoners - reken ik daaronder, maar ook de komst van het nieuwe station Hazerswoude-Rijndijk, infra-investeringen zoals de tweede oeververbinding bij Boskoop, het versterken van lokale economie, het energienet, vergroening en verduurzaming. In Alphen aan de Rijn komt alles samen zeg ik wel eens. Daar onderdeel van mogen zijn is een voorrecht!“

Lees
ver­der