01 maart 2019

Meer vrijheid bij aankoop gronden

In de raadsvergadering van 28 februari stelde de gemeenteraad de nota Grondbeleid vast. Het CDA diende een amendement in om zo het college duidelijke kaders mee te geven bij de aankoop van de gronden. Het amendement werd door alle partijen ondersteund en is unaniem aangenomen.

Nota grondbeleid
Om uitvoering te geven aan het ruimtelijk beleid maakt de gemeente gebruik van de grondbeleidsinstrumenten, die wettelijk mogelijk zijn. Grondbeleid is maatwerk en per geval wordt afgewogen welke instrumenten en middelen worden ingezet om het gewenste doel te bereiken. Welk grondbeleid de gemeente wil voeren is mede afhankelijk van de voorgenomen bouwproductie van woningen en bedrijventerreinen. De nota Grondbeleid De Wolden van 2013-2016 was gedateerd; een actualisatie was daarom nodig.

Meer vrijheid
Woordvoerder Jeene Keizer gaf aan dat het CDA erg tevreden was met de nieuwe nota, die zo overgenomen kon zijn uit het CDA-verkiezingsprogramma. Door meer risico te nemen als gemeente is er ook meer vrijheid om zelf te bepalen, hoe de ruimte wordt ingevuld. Het gemeentebestuur is slagvaardiger en kan zelf kiezen voor welke doelgroepen er gebouwd gaat worden (Starters/senioren /levensloopbestendige woningen en vrije kavels ).

Amendement
In de nota Grondbeleid 2019-2022 wordt gesproken over minnelijke grondverwerving (op vrijwillige basis een koopovereenkomst sluiten). De bevoegdheid van het College wordt uitgebreid voor aankopen tot € 500.000. Daarbij mag het verschil tussen taxatie- en aankoopwaarde minder dan  € 100.000 bedraagt.
Het CDA wilde het college meer ruimte geven om snel en daadkrachtig te kunnen reageren. Daarom diende het CDA een amendement in om niet meer uit te gaan van een absoluut getal, maar van een percentage. Bij kleine aankopen is het evenwicht weer terug en bij grote aankopen is er iets meer flexibiliteit voor het college. Het amendement werd unaniem aangenomen.

 

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.