12 november 2022

Motie ondernemers verloren, geen verloren zaak

De afgelopen twee raadsvergaderingen stonden in het teken van de begroting. In de algemene beschouwingen pleitte het CDA ervoor het begrotingsoverschot juist in te zetten voor die groepen die nu met de bestaande regelingen buiten de boot vallen. Denk aan de middeninkomens, dorpshuizen, sportclubs en ondernemers.

Vooral de groep ondernemers is volgens het CDA nu echt vaak de sjaak. Want, dealen met hoge grondstof- en energieprijzen worden al gauw als regulier ondernemers-risico gezien. Onterecht vindt het CDA.

Ondernemers geven aan dat hun middelen niet onuitputtelijk zijn. Buffers zijn aangesproken in coronatijd. En specifiek voor de agrariërs heeft de stikstofkaart blijvende schade aangericht, ook al is die van tafel. Immers, zij kunnen op geen enkele financiering meer rekenen bij hun banken.

Het CDA pleitte daarom voor een steunfonds ondernemers. Met als doel ondernemers te helpen bij de initiële investering die benodigd is om voor de financiering uit het Energiefonds Drenthe in aanmerking te komen. En daarmee dus verduurzamingsmaatregelen te treffen. Om de energiekosten voor de lange termijn te dempen. Het is net die investering die je nu als ondernemer even niet uit je buffer wilt voldoen.

En de uitvoering? Wij hadden gehoopt dat het college met onze motie in het achterhoofd met een voorstel was gekomen. Dat is niet gebeurd.

Wij zijn wel blij dat mevrouw Hempen heeft aangegeven dat zij samen met de ondernemers optrekt om een landelijke subsidieaanvraag te doen om productieprocessen te verduurzamen. De contactfunctionaris vanuit de gemeente wordt hier ook specifiek op ingezet. En ondernemers kunnen rekenen op een eigen energieregisseur binnen onze gemeente.

Kortom: de motie Steunfonds Ondernemers ging verloren, maar dit was geen verloren zaak. Er zijn dingen in gang gezet. Het CDA blijft de landelijke subsidieaanvraag met veel belangstelling volgen

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.