
13 januari 2026
14 januari 2026 1 minuten lezen
Bij de begrotingsbehandeling Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp riep Tweede Kamerlid Elles van Ark op tot samenwerking, menselijke waardigheid en rentmeesterschap.

In haar maidenspeech benadrukte Elles de menselijke keerzijde van internationale handel en pleitte zij voor handelsverdragen die niet alleen onze leveringszekerheid dienen, maar ook bijdragen aan eerlijke handel en duurzame ontwikkeling.
Medemenselijkheid zit niet alleen in grote gebaren, maar ook in kleine dingen. In kiezen voor samenwerking, menselijke waardigheid en rentmeesterschap
Elles van Ark
Ook sprak Elles haar zorgen uit over de bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking door het kabinet-Schoof. Zij benadrukte dat internationale samenwerking een strategische investering is in stabiliteit, veiligheid en internationale invloed, en waarschuwde dat het loslaten daarvan ten koste gaat van Nederland als betrouwbare partner.
Voorzitter, Ik ben de politiek ingegaan om praktijk en politiek met elkaar te verbinden, om, in alle bescheidenheid, de wereld een klein beetje beter achter te laten dan we haar aantroffen. Niet geheel toevallig is dit een citaat ontleend aan de oprichter van scouting, Lord Baden-Powell: "Leave this world a little better than you found it." Dat is een boodschap die hij scouts naliet na zijn dood. Voor mij raakt deze gedachte aan een dieper besef dat ons mensen iets is toevertrouwd, dat wij deze wereld niet bezitten maar beheren en dat verantwoordelijkheid altijd verder rijkt dan het hier en nu. Precies daar raakt de boodschap van Baden-Powell aan wat het CDA verstaat onder rentmeesterschap: verantwoordelijkheid dragen voor wat ons is toevertrouwd, zodat we het beter doorgeven aan de volgende generatie. Dat is gelukkig een drijfveer die ik deel met veel mensen, hier en wereldwijd.
Maar als we het wereldnieuws volgen, zien we vaak het tegenovergestelde: een wereld die wordt gedomineerd door macht in plaats van verantwoordelijkheid, door leiders die eigendom en invloed najagen ten koste van hun bevolking. Te vaak zitten vrouwen en jongeren niet aan tafel wanneer besluiten worden genomen die hun toekomst bepalen. Ik vraag mij regelmatig af: hoe zou de wereld eruitzien als we hen wél structureel zouden betrekken? Zouden handelssystemen dan eerlijker zijn? Zouden conflicten minder snel escaleren?
Voorzitter, Soms zakt mij de moed in de schoenen als ik het leed zie: oorlog, honger en seksueel geweld. Tegelijkertijd zie ik iets anders: veerkracht, lokale organisaties, artsen en jonge leiders die overeind blijven onder de zwaarste omstandigheden; mensen die niet wachten op macht, maar verantwoordelijkheid nemen voor hun gemeenschap. Juist dáár ligt voor mij ook de kern van de christendemocratische politiek: niet alles centraal willen regelen, maar vertrouwen op kennis en kunde die al aanwezig is. Maatschappelijke organisaties spelen daarin een cruciale rol. Zij kennen de lokale context en bouwen aan stabiliteit en perspectief.
Die kennis en kunde zit ook in ons bedrijfsleven. Ik heb de afgelopen jaren veel bedrijven gezien die het goede willen doen. Een bijzondere ervaring die ik met mij meeneem hier in Den Haag is het bezoek aan een mijn in Bolivia samen met een Nederlands bedrijf. Ik mocht twee jaar geleden samen met de mijnwerkers de mijn in om te zien onder welke omstandigheden zij werken. Eerst gingen we in een karretje — dat was een open karretje — langzaam omhoog om vervolgens bovenaan bij de ingang te komen en de mijn in te lopen. Het werd steeds warmer en warmer. Gelukkig ben ik klein. Dat kwam goed uit omdat de stroomkabels eigenlijk net boven mijn hoofd uitkwamen. De warmte, het stof, het geluid: echt indrukwekkend dat men dagelijks onder de grond werkt voor onze energiebehoefte. Eerlijk gezegd was ik heel blij toen iemand voorstelde om weer om te keren, terug naar de frisse buitenlucht.
Waarom deel ik dit? We hebben het hier in Nederland en in Europa heel vaak over leveringszekerheid, maar we vergeten soms te denken aan de mensen die voor ons de metalen uit de grond halen. Metalen zoals nikkel en zink worden gewonnen door mensen die onder extreme hitte en in veel stof werken om deze metalen uit de grond te halen. Ik denk dat we dit perspectief nooit mogen vergeten, de keerzijde van onze handel.
Vanuit dit vertrekpunt bekijkt het CDA dan ook de inzet op handelsverdragen. Voor verdragen die belangrijk zijn voor de levering van grondstoffen moeten we niet alleen kijken naar wat het aan onze kant van de wereld oplevert, maar ook naar de verwerkingscapaciteit in de landen zelf. Wie alleen grondstoffen afneemt, houdt afhankelijkheid in stand. Wie inzet op lokale verwerking, draagt bij aan echte ontwikkeling.
Voorzitter, Mijn fractie maakt zich grote zorgen over de impact van de historische bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking. Nederland heeft internationaal altijd een koploperspositie ingenomen. Zoals ook VNO-NCW helder zegt: internationale samenwerking is geen kostenkost, maar een strategische investering. Nederland lijkt zich op dit moment weer terug te trekken achter de dijken, alsof we niet onlosmakelijk verbonden zijn met de rest van de wereld. Het CDA ziet met zorg dat de Verenigde Staten onder president Trump zich terugtrekken uit 66 veelal VN-organisaties en -verdragen en dat is precies de weg waarvan wij denken dat hij leidt tot minder invloed, minder stabiliteit en uiteindelijk meer onzekerheid. Ook in Nederland zien we een snelle kaalslag waarmee ons land zijn positie en invloed verliest. Juist daarom wil het CDA dat de uitvoering van de Afrikastrategie voortvarend wordt opgepakt. Dat vraagt nu om een geïntegreerde aanpak van handel en ontwikkeling en het aangaan van wederkerige partnerschappen. Kan de staatssecretaris concreet aangeven welke stappen zij op korte termijn zet om deze Afrikastrategie daadwerkelijk tot uitvoering te brengen?
Al vaker heeft mijn fractie aangegeven dat investeren in veiligheid en ontwikkelingssamenwerking hand in hand moeten gaan. Veiligheid creëer je niet alleen met wapens maar ook door te investeren in zaken zoals watermanagement, voedselzekerheid en diplomatieke softpower. Humanitaire organisaties geven aan dat zij juist door hun lokale aanwezigheid in conflictgebieden zoals Jemen op bilateraal niveau aan Nederland toegang bieden om conflicten te helpen beëindigen en onze positie als handelsland te verstevigen. In welke landen ziet de staatssecretaris mogelijkheden om deze relatie tussen humanitaire hulp, conflictbemiddeling en handel te versterken?
Voorzitter, Het maatschappelijk middenveld wordt gekort met 1 miljard euro, waarbij de focus komt te liggen op lokale ngo's. In brieven over deze bezuiniging heeft minister Klever destijds aangekondigd maatwerk toe te passen. Mijn fractie wil daarom van de staatssecretaris concreet horen hoe dit maatwerk vorm krijgt en in hoeverre daarbij ruimte is voor een ruimhartige en zorgvuldige toepassing. Mijn fractie hecht hieraan omdat we nu zien dat veel kennis en kunde van Nederlandse organisaties waarin Nederland jarenlang heeft geïnvesteerd dreigt te verdwijnen.
Tot slot, voorzitter, wil ik stilstaan bij mensen die vaak hun leven riskeren om anderen te helpen: artsen en zorgverleners. In conflictgebieden is hun bescherming geen luxe maar echt een absolute noodzaak. Het internationaal humanitair recht is hierover duidelijk en onze inzet moet dat ook blijven. Het kan niet waar zijn dat Artsen zonder Grenzen en het Rode Kruis steeds vaker te maken krijgen met aanvallen — niet van rebellen maar van statelijke actoren. We kijken als CDA uit naar het aangekondigde AIV-advies over wat we kunnen doen aan de straffeloosheid en vragen om een spoedige reactie van het kabinet hierop.
Voorzitter, tot slot. Nederland is altijd een voorvechter geweest van verbeterde mondiale gezondheid. Dankzij het CDA ligt er sinds 2022 een mondiale gezondheidsstrategie. Maar ondanks de belofte om hierop vol in te zetten met scherpe keuzes zoals inzetten op pandemische paraatheid, rijst de vraag hoe realistisch het is dat Nederland hierbij nog een relevante speler blijft. We constateren dat Nederland 31 miljoen euro minder per jaar gaat besteden, terwijl we tegelijkertijd zien dat elke dollar die wordt uitgegeven aan vaccinaties 54 dollar oplevert, onder meer doordat behandelingskosten worden voorkomen. Toch lukt het veel landen niet om zelf die investeringen te doen, omdat zij meer betalen aan schulden dan ze kunnen investeren in hun eigen gezondheidssystemen. Hoe zet Nederland zich internationaal in om dit probleem aan te pakken, bijvoorbeeld via het IMF en in EU-verband? Deze diplomatieke inzet kost weinig, maar betaalt zich wel uit.
Voorzitter, Medemenselijkheid zit niet alleen in grote gebaren, maar ook in kleine dingen, in kiezen voor samenwerking, menselijke waardigheid en rentmeesterschap, juist wanneer de wereld die waarden onder druk zet. Vanuit die overtuiging zal ik mij in deze Kamer inzetten, met oog voor de praktijk, met vertrouwen in mensen en met de verantwoordelijkheid die het CDA al generaties lang kenmerkt.
Dank u wel.

13 januari 2026

13 januari 2026

12 januari 2026