CDA | Iedereen klapte voor Carney — maar wie durft value-based…

24 januari 2026 4 minuten lezen

Ieder­een klap­te voor Car­ney — maar wie durft value-based rea­lism toe te pas­sen?

De opgetogen reacties op de toespraak van de Canadese premier Mark Carney in Davos waren groot, en ook ik vond het een sterke speech. Enerzijds...

De opgetogen reacties op de toespraak van de Canadese premier Mark Carney in Davos waren groot, en ook ik vond het een sterke speech. Enerzijds hield hij ons als westerse landen een spiegel voor: hij schetste de precaire situatie waarin we ons bevinden en toonde de grenzen van een ouderwets rules-based order, maar hij deed dat met een positief pleidooi voor samenwerking van middle powers en wees op het concept van value based realism — een gedachtegoed dat eerder al door de Finse premier Alexander Stubb werd uitgedragen in zijn essay The West’s Last Chance in Foreign Affairs.

Ook in Nederland werd positief gereageerd op Carneys betoog. Van Kati Piri (GL-PvdA) tot Michel Hoogeveen (JA21) — twee woordvoerders Buitenlandse Zaken die ik zeer respecteer, ook al verschillen we regelmatig van mening — klonken constructieve reacties.

Toch bleek ook meteen hoe uitdagend het is om optimisme praktisch te vertalen naar beleid. Op de dag van de speech, waarin Carney pleitte voor nieuwe en diversere internationale relaties, stemde een meerderheid in het Europees Parlement vóór een voorstel om het EU-Mercosur-handelsverdrag juridisch te toetsen — een ongebruikelijke stap en in deze geopolitiek instabiele tijden moeilijk te begrijpen vanuit het perspectief van strategische partnerschappen.

In Zuid-Amerika werd daarop met onbegrip gereageerd: leiders en diplomaten daar benadrukken dat dergelijke interne vertragingen in Europa het vertrouwen in interregionale samenwerking ondermijnen.

Opvallend was dat juist GL-PvdA, waarvan Piri een prominent woordvoerder is en die eerder kritisch stond tegenover het Mercosur-verdrag, vóór deze juridische toets stemde. Collega Hoogeveen onderbrak Piri dan ook tijdens het daaropvolgende debat in de Eerste Kamer, nadat ze een vurig betoog had gehouden over het leiderschap van Carney, met de vraag waarom haar fractie zich blijft verzetten tegen het wérkelijke instrument dat juist over nieuwe relaties gaat.

Piri bevestigde inderdaad dat haar partij tegen Mercosur is. Toen ik doorvroeg naar haar argumenten, noemde ze de bekende zorgen over arbeidsvoorwaarden en milieu-regels — onderwerpen die in de discussie vaak naar voren komen, ondanks dat er in het verdrag tal van waarborgen zijn opgenomen en veel indianenverhalen uit die debatten al meerdere malen ongeregeld bleken of ongegrond zijn verklaard.

Maar bovenal moeten we, in deze tijd, de kern van Carneys boodschap serieuzer nemen. Carney riep op om de wereld te accepteren zoals hij is, niet zoals we zouden willen dat hij is — een idee dat effectief neerkomt op het erkennen van de nieuwe realiteit in internationale relaties en machtspolitiek en dat hij expliciet verwoordt met de zin: “We actively take on the world as it is, not wait around for a world we wish to be.” Dit vraagt alleen wel een grote verandering van beleidsmakers die de afgelopen decennia juist te maken hebben met wat Beatrice de Graaf ‘verbinnenlandisering van de Buitenlandpolitiek’ noemt. Ons buitenlandbeleid wordt steeds meer beïnvloed door binnenlandse sentimenten en dat is niet altijd even effectief. Beluister hier de podcast daarover die ok met haar hierover maakte. (1)

Dit dilemma is op dit geopolitieke scharnierpunt bijzonder prangend, maar zeker niet nieuw. Bijna drie jaar geleden wees ik daar al op in een volle zaal in Amsterdam, met vertegenwoordigers van uiteenlopende NGO’s. Ik sprak daar over de toen net aangenomen Afrikastrategie, waarin een duidelijke koerswijziging besloten lag: het Afrikaanse continent niet langer primair benaderen vanuit ónze normen en aannames, maar veel nadrukkelijker vanuit de lokale context. Minder arrogantie, meer besef dat wij niet altijd het beste weten wat nodig is.

Die boodschap werd aanvankelijk instemmend ontvangen. De sfeer veranderde echter toen ik de vertaalslag maakte naar de praktijk. Ik stelde dat wij, hoe belangrijk thema’s als LHBTIQ+-rechten voor ons ook zijn, rekening moeten houden met het feit dat openlijk en opzichtig lobbyen voor deze agenda in sommige culturele contexten averechts kan werken. In samenlevingen waar deze onderwerpen extreem gevoelig liggen, kan externe druk er juist toe leiden dat repressie toeneemt en kwetsbare groepen verder in de knel komen.

Dat was geen theoretisch punt. Het is mij meermaals verteld door lokale activisten die Nederland bezochten, en door Nederlandse diplomaten die in fragiele regio’s werkten. Die laatste groep durfde zich hierover overigens niet altijd openlijk uit te spreken in het Nederlandse publieke debat — juist vanwege de gevoeligheid van dit onderwerp.

Hoewel ik mijn woorden zorgvuldig koos, merkte ik het sentiment in de zaal direct kantelen. Een vrouw reageerde fel dat zij mijn opstelling ouderwets vond en ervan schrok dat een politicus dit zo openlijk durfde te zeggen. Veel aanwezigen knikten instemmend.

Aan het einde van de bijeenkomst vroeg de moderator aan oud-force commander Kees Matthijssen hoe hij als militair, met ervaring in deze regio’s, naar deze discussie keek. Tot mijn opluchting kreeg ik bijval. Hij herkende precies het spanningsveld dat ik probeerde te schetsen. Later hebben we dit gesprek uitgebreid voortgezet in mijn podcast Buitenland met Boswijk, waarin we die moeilijke balans tussen mensenrechtenprincipes en weerbarstige praktijk verder hebben uitgediept: hoe laveer je daartussen zonder je waarden te verloochenen, maar ook zonder jezelf buitenspel te zetten? (2)

Deze ervaring was voor mij aanleiding om de CDA-Buitenlandcommissie te vragen een advies op te stellen over dit dilemma — wat we nu zouden kunnen aanduiden als value-based realism. Ik zag toen al hoe snel de machtsverhoudingen aan het verschuiven waren en hoe bepalend het Global South zou worden. Inmiddels zien we hoe China en Rusland daar steeds effectiever opereren — en ja, ook de Verenigde Staten maken inmiddels onderdeel uit van die strategische concurrentie. Leer hier het rapport van de CDA Buitenlandcommissie. (3)

Juist daarom hebben we geen tijd meer te verliezen. Ook in de Nederlandse politiek moeten we ons uitspreken over wat onze invulling is van value-based realism. Hopelijk kan dit denkwerk daaraan een bijdrage leveren.

(1) https://open.spotify.com/episode/4q3dObcC5r5ff6cQjKsxfl?si=LPB81Z9xROWyzvfJMReQ6A

(2) https://open.spotify.com/episode/7FggAEfW71E9UIwZkZnpBw?si=-usGYTVzSL2_l02Sl6LHeQ

(3) https://www.cda.nl/cda-internationaal/nieuws/cda-com-mis-sie-buitenland-adviseert-partij-over-kantelende-wereldorde/

Lees
ver­der