07 juni 2026 4 minuten lezen

Asiel­mi­gra­tie: wat doet het kabi­net?

Op 12 juni wordt het Europees Migratiepact ingevoerd, ook werd afgelopen week in de Tweede Kamer de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring aangenomen. In onderstaand stuk zet fractievoorzitter Henri Bontenbal de asielmaatregelen van dit kabinet op een rij.

Asielmigratie: wat doet het kabinet?

Het asielvraagstuk domineert vaak het nieuws en het politieke debat. Ik merk dat er veel ruis zit in het debat en het voor velen vaak niet duidelijk is welke concrete maatregelen het kabinet neemt.

De belangrijkste wet die recent door zowel de Tweede Kamer als de Eerste Kamer is aangenomen, is de ‘Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026’. Dit is dus een Nederlandse wet, die de afspraken uit het Europese Asiel- en Migratiepact vertaalt naar nieuwe Nederlandse asielwetgeving. De Europese lidstaten mogen op een aantal onderdelen zelf invullen hoe zij de afspraken uitwerken. De maatregelen die in de asielwet staan die eerder niet door het parlement is gekomen, zijn bijna allemaal ook in deze overkoepelende wet opgenomen. Het door beide Kamers aannemen van deze implementatiewet is één van de grootste stappen in de afgelopen jaren geweest in het aanscherpen en hervormen van de Nederlandse asielwetgeving. Op 12 juni 2026 wordt het Migratiepact van kracht en worden de eerste maatregelen uitgevoerd. De eerste resultaten zouden over een paar maanden zichtbaar moeten worden.

Afgelopen week stemde de Tweede Kamer daarnaast in met de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring. Ook deze wet maakt het mogelijk uitgeprocedeerde asielzoekers sneller terug te sturen naar het land van herkomst. Deze wet moet nog door de Eerste Kamer behandeld worden.

Welke concrete maatregelen worden genomen? Ik schets eerst hoe de asielketen in elkaar zit en geef vervolgens aan welke maatregelen het kabinet neemt. De asielketen bestaat grofweg uit drie onderdelen: instroom, opvang en uitstroom.

Instroom

Op dit moment komen asielzoekers naar Nederland en doorlopen zij hier de asielprocedure. Ze melden zich eerst in het aanmeldcentrum in Ter Apel. Het COA brengt de asielzoekers vervolgens onder in opvanglocaties (reguliere en noodopvanglocaties) en tegelijkertijd beoordeelt de IND de aanvraag van de asielzoeker.

Met het Europees Migratiepact verschuift een deel van de beoordelingsprocedure naar de buitengrens van de EU. Wie in Europa aankomt, wordt daar direct gescreend. Asielaanvragen die weinig kansrijk zijn, bijvoorbeeld omdat asielzoekers uit veilige landen komen, worden snel beoordeeld en afgewezen asielzoekers worden direct teruggestuurd, zonder Europa in te komen.

Voor wie wél bescherming krijgt, maakt het Tweestatusstelsel onderscheid. Wie individueel vervolgd wordt, bijvoorbeeld wegens geloofsovertuiging of geaardheid,krijgt de vluchtelingenstatus. Wie vlucht voor oorlog of algemeen geweld, krijgt tijdelijke en lichtere bescherming, met strengere voorwaarden voor bijvoorbeeld gezinshereniging. Concreet betekent dit dat het laten overkomen van gezinsleden moeilijker wordt.

Daarnaast worden asielzoekers die al in een andere EU-lidstaat asiel hebben aangevraagd, sneller teruggestuurd naar dat land. Vorige week maakte minister Bart van den Brink bekend dat Nederland met Italië heeft afgesproken dat deze zogenaamde ‘Dublin claimanten’ weer teruggestuurd worden naar Italië.

Opvang door het COA en beoordeling door de IND

Op dit moment zijn vluchtelingen al maanden in ons land voordat ze duidelijkheid krijgen over hun asielaanvraag. De IND heeft flinke achterstanden opgelopen door bezuinigingen van een aantal jaren geleden en daardoor zijn de doorlooptijden lang. Dit betekent dat een asielzoeker maanden, soms jaren, moet wachten op een beslissing van de IND. Dit komt ook doordat er vaak wordt doorgeprocedeerd en asielaanvragen worden gestapeld. Dat verstopt de asielketen en doet een groot beroep op de IND en de rechtsspraak.

Ook de opvang is nog niet op orde. Er zijn te weinig reguliere opvangplekken, waardoor er dure noodopvangplekken geregeld moeten worden. Dat kost de belastingbetaler onnodig veel geld. Daarom is het belangrijk dat het aantal reguliere opvangplekken komende jaren groeit en het COA stabiel gefinancierd wordt. Het kabinet gaat dat ook daadwerkelijk doen.

Het is belangrijk dat we de opvang in Nederland eerlijker verdelen over alle gemeenten. Daarvoor hebben we de Spreidingswet. Sommige gemeenten hebben meer gedaan dan van hen gevraagd werd, andere gemeenten hebben vrijwel niets gedaan. Dat is niet eerlijk. (Hier vind je een kaartje met de cijfers per gemeente.)

De nieuwe asielwetten bevatten belangrijke maatregelen om de asielprocedure te versnellen, onder andere: het afschaffen van de voornemenprocedure, het beperken van de nareismogelijkheden tot het kerngezin en strengere voorwaarden om een nieuwe procedure te starten. Asielzoekers die niet voldoende meewerken in de procedure worden sneller afgewezen.

Er ligt een direct verband tussen de lengte van de procedures en het aantal opvangplekken: hoe sneller de procedure, hoe minder plekken we nodig hebben. Voorwaarden zijn dan wel dat statushouders niet in een azc blijven wonen, maar kunnen uitstromen naar gemeenten en dat de terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers effectiever wordt.

Asielzoekers die ernstige strafbare feiten plegen, krijgen geen verblijfsvergunning en worden teruggestuurd naar hun land van herkomst. Met de uitbreiding van de ongewenstverklaring hebben we daarvoor nu een steviger juridisch instrument.

Uitstroom en terugkeer

Wanneer asielzoekers de asielprocedure hebben doorlopen en een verblijfsvergunning krijgen, worden ze als statushouders ondergebracht in een gemeente. Dit kabinet vindt het van groot belang dat statushouders zo snel mogelijk integreren, de taal leren en toegang krijgen tot de arbeidsmarkt. Minister Aartsen van Werk en Participatie stuurde vorige week een brief naar de Tweede Kamer waarin hij de kabinetsplannen om dat voor elkaar te krijgen, uit de doeken deed.

Het grootste deel van de asielzoekers krijgt echter geen verblijfsvergunning en wordt door de Dienst Terugkeer & Vertrek begeleid naar hun land van herkomst. Op dit moment werkt de Europese Unie ook aan een Europese Terugkeerverordening, waarmee er terugkeerhubs in derde landen komen. Op die manier zullenuitgeprocedeerde asielzoekers via die terugkeerhubs terugreizen naar hun land van herkomst.

Conclusie

Nederland heeft grote stappen gezet in het aanscherpen van asielwetgeving. De effecten daarvan moeten we de komende tijd gaan zien. Dat doen we samen met Europa. Het kabinet werkt daarnaast aan het op orde krijgen van de asielketen in Nederland, met snellere procedures en het op orde brengen van de opvang.

Het asielbeleid is jarenlang niet op orde geweest. De problemen waarmee we nu geconfronteerd worden, is daarvan het resultaat. Het kabinet heeft de noodzakelijke stappen gezet met het aanpassen van de wetgeving. Een aantal aanpassingen moeten nog door de Eerste Kamer. Het werk is dus nog niet klaar, maar we doen nu – eindelijk – wat nodig is.

Lees
ver­der