CDA | Investeren in studentenhuizen is bouwen aan gemeenschappen

13 januari 2026 2 minuten lezen

Inves­te­ren in stu­den­ten­hui­zen is bou­wen aan gemeen­schap­pen

Er worden steeds meer studio’s gebouwd in plaats van studentenkamers, en dat terwijl de eenzaamheid onder jongeren toeneemt. Daarom roept Tweede Kamerlid Hanneke Steen vandaag samen met CDJA-voorzitter Joanne Sloof in het AD op om meer werk te maken van studentenhuizen.

Lees hieronder het opiniestuk van Hanneke Steen en Joanne Sloof in het AD.

Investeren in studentenwoningen is bouwen aan gemeenschappen

Studentenhuizen zijn een plek van ontwikkeling, waar je leert samenleven, verantwoordelijkheid deelt en vriendschappen voor het leven opbouwt. Onderdeel zijn van een gedeeld huishouden is een vormende ervaring waar je de rest van je leven van profiteert. En een ervaring die mogelijk moet zijn voor iedereen die dat wil. Daarom moet de komende jaren flink worden geïnvesteerd in meer huisvesting, mét meer gezamenlijke ruimtes.

Kamernood onder studenten beperkt niet alleen de toegankelijkheid van onderwijs, maar ook een kans op persoonlijke ontwikkeling. Het huisvestingstekort in de negentien studentensteden werd eind vorig jaar geschat op 21.500 studentenwoningen. De verwachting is dat het tekort de komende jaren nog verder oploopt tot mogelijk 63.000 in het collegejaar 2032-2033.

Ook de eenzaamheid onder studenten, juist in wat de meest sociale fase van hun leven zou moeten zijn, blijft zorgwekkend hoog: zes op de tien studenten ervaart gevoelens van eenzaamheid. Het tekort aan kamers en de schrikbarend hoge cijfers over eenzaamheid kunnen niet los van elkaar worden gezien. Daar komt bij dat ook de bestaande huisvesting (steeds vaker studio’s en zelfstandige woonruimtes waar je alleen woont) een isolerend effect hebben. Het is een te hoge sociale prijs die veel jongeren moeten betalen op de huidige woningmarkt.

Het bestrijden van het tekort aan kamers en de invulling van de te vormen woonruimtes zijn een gezamenlijke opgave, maar op dit moment komt samenwerking niet volledig tot zijn recht. Middelgrote steden kunnen en willen hun verantwoordelijkheid nemen, maar hebben niet altijd de nodige kennis en ervaring in huis. Deze zijn vaak wel aanwezig bij gespecialiseerde studentenhuisvesters, maar die zijn vooral actief in de grotere steden.

Studentenhuizen kunnen ook een mooie aanvulling zijn binnen een wijk. Denk bijvoorbeeld aan de voorbeelden van studenten die inwonen bij ouderen. Grootschalige, anonieme studentencomplexen zijn niet overal wenselijk voor de leefbaarheid en samenhang in een buurt. Kleinschalige en beter ingepaste vormen van studentenhuisvesting sluiten vaak beter aan bij plaatselijke omstandigheden. Door het bundelen van lokale kennis van woningbouwcorporaties en ervaring van studentenhuisvesters snijdt het mes aan twee kanten en bouwen we aan gemeenschappen voor jong en oud.

Het CDA wil meer studentenwoningen bouwen. Dat kan alleen door samen te werken, met vertrouwen en een praktische instelling. Met een langetermijnvisie én tegelijk oog voor de uitdagingen van nu. Daarom doet het CDA een voorstel om het in 2022 gepresenteerde Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting (LAS) te actualiseren. Daarbij roept het CDA het kabinet op om kennisuitwisseling structureel te stimuleren met een ondersteuningsprogramma studentenhuisvesting, gericht op gemeenten buiten de ‘Grote Vier’.

Het actieplan focust zich al op belangrijke uitdagingen zoals het beter benutten van bestaande bouw, meer nieuwbouw en betaalbaarheid, maar mist aandacht voor een onmisbaar onderdeel: gemeenschapszin. Studentensteden zijn een gemeenschap en studentenwoningen een gemeenschap daarbinnen. Ja, we moeten stevig inzetten op nieuwe studentenwoningen, maar laten we er dan ook voor zorgen dat het plekken zijn waar jongeren samenleven, zich kunnen ontwikkelen en verbonden voelen met elkaar.

Hanneke Steen is Tweede Kamerlid namens het CDA.

Joanne Sloof is landelijk voorzitter van het CDJA.

Lees
ver­der