De CDA fractie in de Eerste Kamer heeft op dinsdag 16 april tegen een eenmalige verdere verhoging van het wettelijk minimumloon met 1,2% gestemd. Het CDA vindt dat met dit wetsvoorstel geen  recht wordt gedaan aan alle groepen waar dit wetsvoorstel op gericht is. De gevolgen voor de koopkracht van werknemers en van mensen met een AOW of een (bijstands)uitkering, maar ook de gevolgen voor  werkgevers en de gevolgen voor de overheidsuitgaven moeten met elkaar in balans worden bezien.

Het CDA heeft oog voor het netto inkomen van de minima. Daarom heeft de CDA fractie met overtuiging ingestemd met de incidentele verhoging van het minimumloon met 10,15% in 2023. Door deze maatregel, in combinatie met de halfjaarlijkse reguliere indexaties, werd de koopkracht en de financiële bestaanszekerheid van mensen met lage inkomens structureel verbeterd.

De CDA fractie heeft zich ook altijd ingezet voor de koppeling van het minimum inkomen aan de AOW. Juist mensen met een AOW zijn er in de afgelopen jaren het meest op achteruit gegaan. Maar mede door die koppeling is de voorgestelde maatregel erg duur. Van de bijna één miljard euro die deze hele operatie kost, komt slechts 90 miljoen euro terecht bij de doelgroep.

Deze eenmalige maatregel vindt de CDA fractie dan ook te generiek. Senator Janny Bakker: “Liever blijven wij inzetten op de lijn van het huidige demissionaire kabinet, om groepen die het het zwaarst hebben gericht te ondersteunen. Daarvoor is -na eerdere forse investeringen- in het najaar van 2023 nog eens twee miljard euro aan koopkrachtmaatregelen getroffen. Het kind gebonden budget is -in lijn met het advies van de Commissie sociaal minimum- in 2023 en in 2024 verhoogd en vanaf 2024 zijn ook de kinderbijslag, de kinderopvangtoeslag en de huurtoeslag verhoogd. Dat zijn maatregelen waar mensen met een laag inkomen écht iets van merken”.

Minister van Gennip onderkent ook dat verhoging van het minimumloon in sommige gevallen kan resulteren in minder werkgelegenheid. Zij gaat het CPB opdracht geven om de cijfers hierover te kunnen duiden. Bestaanszekerheid gaat om meer dan alleen een hoger loon. Het gaat onder meer ook over het behoud van een (vaste) baan.

De CDA fractie merkt dat met name bij de kleine mkb ondernemers de forse kostenstijgingen van de afgelopen jaren steeds meer beginnen te knellen. Ook hun hun belang moet naar de mening van de CDA fractie bij de beoordeling van de proportionaliteit van deze wet in het oog gehouden worden. Janny Bakker: "Deze ondernemers hebben behoefte aan een betrouwbare en voorspelbare overheid." 

Een verhoging van het Wettelijk Minimumloon wisselt een onzeker inkomen (toeslagen) voor een zeker inkomen. Dat verandert het leven van mensen echt substantieel. Dat geldt ook voor mensen met een (bijstands)uitkering. Voor deze laatste groep hebben we een lappendeken aan aanvullende maatregelen, die veelal vernederend zijn en gebaseerd zijn op wantrouwen. Het CDA vindt dat mensen in principe moeten kunnen rondkomen van een minimum inkomen of van een uitkering. Om dit te realiseren zullen we naar en heel andere structuur van inkomen toe moeten, waarbij we dus ook iets aan de toeslagen en aan de enorme warboel van regelingen moeten doen. Dat is een noodzakelijke, maar geen eenvoudige opgave.  

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.