26 mei 2026 1 minuten lezen

Hen­ri: Wij wil­len geen land zijn waar­in de groot­ste mond zijn zin krijgt’

Op 26 mei debatteerde de Tweede Kamer over het normaliseren van geweld in de politiek en de samenleving. Tijdens zijn inbreng benadrukte Henri Bontenbal dat politici hun normerende rol moeten waarmaken.

Tijdens zijn inbreng wees Henri op de dubbele rol van politici. Aan de ene kant vertolken zij de zorgen die leven in de samenleving en zoeken zij naar oplossingen. Aan de andere kant hebben zij een normerende rol: zij moeten de democratie verdedigen en duidelijk maken dat boosheid nooit een excuus is voor geweld en intimidatie.

Ook veroordeelde Henri de uit de hand gelopen demonstraties bij verschillende asielopvanglocaties in Nederland. Er is geen enkele rechtvaardiging voor brandstichting op plekken waar oorlogsvluchtelingen een schuilplaats geboden wordt. Demonstraties worden daarnaast gekaapt door rechtsextremistische groepen die niet komen om mee te praten, maar om te intimideren en bestuurders onder druk te zetten.

Het CDA staat pal voor al die lokale bestuurders, zij verdienen onze volledige steun. Wie de wet uitvoert, staat niet alleen.

Henri Bontenbal

Het kabinet heeft aangegeven om met ‘vliegende teams’ om vooral kleinere gemeenten te ondersteunen. Tijdens zijn inbreng vroeg Henri aan het kabinet op welke termijn deze hulp door gemeenten inroepen kan worden, wat ze precies kunnen verwachten en hoe het kabinet gaat zorgen dat lokale bestuurders sneller steun krijgen als zij zelf worden bedreigd of geïntimideerd.

Lees hier de gehele inbreng van Henri

Voorzitter,

Willen we een land zijn waarin scholen ouders moeten oproepen om hun kinderen niet  met bedrukte ‘Nee tegen het AZC’ T-shirts de Avondvierdaagse te laten lopen?

Wat voor land zijn wij en naar wie luisteren we?

Voorzitter,

Wij willen een land zijn waarin iedereen die beschaafd zijn zorgen uit, gehoord wordt; 

Maar wij willen geen land zijn waarin de grootste mond zijn zin krijgt. 

En wij, volksvertegenwoordigers, hebben daarin een dubbele rol.

Aan de ene kant vertolken wij de zorgen in de samenleving, bespreken we deze zorgen in ons parlement en proberen we tot overeenstemming te komen over de maatregelen die de overheid moet nemen.

Aan de andere kant hebben we ook een normerende rol en moeten wij de democratie verdedigen tegenover hen die haar willen beschadigen.

Dat betekent dat politici ‘nee’ moeten durven zeggen tegen haat en ontmenselijking.

Dat betekent dat wij duidelijk moeten maken dat boosheid nooit een excuus is voor brandstichting, geweld en intimidatie.  

Er is geen enkele rechtvaardiging voor brandstichting op een plek waar oorlogsvluchtelingen een schuilplaats geboden wordt.

Net zo goed als dat er geen rechtvaardiging is voor het bedreigen van politieagenten, brandweermensen, journalisten, raadsleden, wethouders of burgemeesters.

Voorzitter,

De samenleving wil ook dat we meer grip krijgen op migratie; dat de opvang van asielzoekers eerlijk wordt verdeeld over Nederland; dat de overlast wordt aangepakt, dat we streng zijn voor asielzoekers die hier om economische redenen naartoe komen en dat uitgeprocedeerde asielzoekers snel worden teruggestuurd. 

Het is terecht dat de samenleving daar om vraagt.

En gelukkig gaat het op veel plekken in ons land goed. Lokale initiatieven zoals ‘Thuis in Oss’ waarbij inwoners actief worden betrokken, zijn een mooi voorbeeld van geslaagde maatwerk-opvang.

Voorzitter,

Daarom moeten we blijven benadrukken dat het grootste deel van Nederland het idioot vindt dat er geweld wordt gebruikt bij AZC-demonstraties. 

Zeven op de tien Nederlanders vindt dat oorlogsvluchtelingen welkom zijn in Nederland.

We moeten daarom stoppen om steeds te doen alsof de grootste schreeuwers de mening van ‘het volk’ vertegenwoordigen. Want dat doen ze namelijk niet.

Daarbij is het belangrijk steeds onderscheid te maken tussen reële zorgen en vreemdelingenhaat. Tussen vreedzaam demonstreren en ordinair relschoppen. Tussen burgers met oprechte zorgen en burgers die denken dat zij de dienst uitmaken.

Voorzitter,

Een recente analyse laat zien dat bij uit de hand gelopen asielprotesten 42% van de aangehouden relschoppers van buiten de gemeente komt.

Dat betekent niet dat elke demonstrant kwaad wil, maar wél dat demonstraties worden gekaapt door rechtsextremistische groepen die niet komen om mee te praten, maar om de boel op te hitsen. Om te intimideren. Om bestuurders onder druk te zetten.

  • Dat roept de vraag op hoe het kabinet georganiseerde relschoppers en geweldplegers harder gaat aanpakken, inclusief het verhalen van schade?

Voorzitter,

Laat duidelijk zijn: Het CDA staat pal voor al die lokale bestuurders, zij verdienen onze volledige steun. Wie de wet uitvoert, staat niet alleen.

Niet in Loosdrecht. Niet in IJsselstein. Niet in Apeldoorn. Niet in Ter Apel. Nergens.

Het komt kabinet nu met ‘vliegende teams’ om vooral kleinere gemeenten te ondersteunen.

  • Op welke termijn kunnen gemeenten de hulp van deze teams van experts inroepen?
  • Kan de minister daarnaast toelichten hoe deze ondersteuning er ongeveer uit gaat zien? Waar kan men op rekenen?
  • Hoe zorgt het kabinet dat lokale bestuurders sneller steun krijgen als zij zelf te maken krijgen met bedreigingen en intimidatie?
  • En kunnen we ervoor zorgen dat kleinschalige opvang vaker mogelijk wordt? 

Voorzitter, 

Een fatsoenlijke politiek begint erbij dat we niet meeschreeuwen met de hardste schreeuwers.

Wij moeten doen wat nodig is. Rust brengen. Grenzen stellen. Lokale bestuurders beschermen. En vasthouden aan democratisch genomen besluiten.

Want ons land verlangt naar richting, toekomstperspectief en houvast.

Dat is wat politieke leiders moeten bieden.

Lees
ver­der