28 februari 2024

Bedrijvigheid achter de bewaakte deuren weer begonnen.

De gebruikelijke drukte bij het poortje naar het formatiegebied in Den Haag ontbrak afgelopen week, maar de bedrijvigheid achter de bewaakte deuren is weer begonnen. Informateur Kim Putters zwoegt op zijn opdracht, bijgestaan door in- en uitlopende deskundigen. De experts kwamen met hun politicologische-, historische- en bestuurskundige ervaring adviseren op een lastig vraagstuk: Welke kabinetsvorm wordt het? Een parlementair-, extraparlementair- of een zakenkabinet? Deze begrippen blijken keer op keer tot verwarring te leiden.

Parlementair kabinet

Bij parlementaire kabinetten onderhandelen de fractievoorzitters van de beoogde regeringspartijen over een programma onder leiding van een (in)formateur. Een conceptakkoord wordt voorgelegd aan hun fracties, waarna (meestal) een tweede ronde volgt en vervolgens eindconclusies worden getrokken. Bij een akkoord binden de fracties zich aan het programma. Er is dan voldoende parlementaire steun. Sommigen partijen kennen procedures om ook de leden via een partijraad of congres te laten oordelen. Slechts één keer keurde een fractie (het CDA) het onderhandelings­resultaat af. Dat was in 1981 tijdens de formatie van Van Agt II. Er kwam toen een nieuwe ronde.

Een misverstand is dat bij een parlementair kabinet de invloed van de Tweede Kamer beperkt is, omdat bijna alles vastligt in een regeerakkoord. Ten eerste kunnen juist bij een parlementair kabinet de onderhandelende fracties direct invloed uitoefenen op het te voeren regeringsbeleid. Ten tweede zijn er altijd zaken die uitgewerkt moeten worden en dan is er zeker ook voor oppositiefracties speelruimte. Ten slotte kan een regeerakkoord toekomstige beleidsdoelen deels vastleggen, maar niet de (externe) omstandigheden beïnvloeden, waaronder die gerealiseerd moeten worden. Zo ontstaat er gedurende de kabinetsperiode alsnog soevereiniteit. In de jaren 1946-1970 waren het als regel alleen de fractievoorzitters die zich bonden, al was er steeds meer afstemming met de eigen fractie. Het prestige van die politieke voormannen was zo groot, dat die binding volstond.

De betrokkenheid van fracties werd nadien steeds groter. Vanaf 1971 traden vaak werkgroepen van fractiespecialisten op om mee te onderhandelen over de tekst van het programma. Programma's werden daarnaast gedetailleerder.

Extraparlementair kabinet

In ons land komt men tijdens formaties niet vaak tot de vorming van een extraparlementair kabinet. Een dergelijk kabinet kent geen dichtgetimmerd regeerakkoord, maar heeft een veel beknopter regeringsprogramma waarin het voorgenomen beleid van het kabinet slechts op hoofdlijnen wordt geschetst. De partijen die deelnemen aan een dit kabinet leggen, anders bij een regulier kabinet, dus niet exact vast wat er allemaal precies gaat gebeuren. Omdat niet alles op voorhand is vastgelegd, moet het kabinet in deze vorm in de Tweede Kamer op zoek gaan naar meerderheden, die per kwestie dus kunnen wisselen. Strakke afspraken zijn wenselijk als er grote problemen voorliggen en partijen samenwerken die (mogelijk) van mening verschillen over oplossingen. Voor een kleinere deelnemende partij is het bovendien aantrekkelijk een grotere partij vooraf te binden, zodat de eigen inbreng zichtbaar blijft.

De ministers van een extraparlementair kabinet kunnen van veel verschillende partijen komen. Ook is het eventueel mogelijk om bewindspersonen te benoemen die helemaal niet gebonden zijn aan een politieke partij. Het verschil tussen een parlementair en een extraparlementair kabinet is, dat het eerste zijn steun zoekt bij een vaste meerderheid in de kamer, terwijl het laatste geen bezwaar heeft voor de verschillende onderwerpen telkens wisselende meerderheden te zoeken.

Zakenkabinet

Een zakenkabinet is een kabinet waarbij (vrijwel) alle ministers afkomstig zijn van buiten de politiek. Er wordt dan gesproken van vakministers. Vandaag de dag zijn dergelijke kabinetten vrij bijzonder. Tot 1888 was dit in ons land echter de meest voorkomende regeringsvorm. Anders dan bij de reguliere meerderheidskabinetten wordt een zakenkabinet niet gevormd door een coalitie van samenwerkende partijen. Veel ministers zijn namelijk helemaal geen lid van een politieke partij. Door deze opzet is de binding met de Tweede Kamer een stuk losser dan bij normale kabinetten. Verwijzingen naar het verleden maken het er niet duidelijker op, vooral omdat vroegere omstandigheden volstrekt onvergelijkbaar zijn met die van deze tijd. Het is daarom nogal naïef te verwachten dat bepaalde soorten kabinetten die toen bestonden nu ook wel goed en effectief kunnen functioneren. Daarbij moet evenzeer de veranderde rol van de overheid worden betrokken, die inmiddels vraagt om een daadkrachtig kabinet, met voldoende stabiliteit en parlementaire steun.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.