Financiën, deelnemingen en grote projecten

De omvang van de provinciale begroting zal de komende jaren afnemen. Dat heeft vooral te maken met het voltooien van enkele grote investeringen, zoals de Sluiskiltunnel en de aanleg van de N62 (Sloeweg en Tractaatweg). Verder zijn er taken overgeheveld naar het Rijk (zoals de regionale omroepen) en gaan er ook taken over naar de gemeenten (sociaal domein, jeugdzorg en een deel van de taken in het kader van de Wet Algemene Bepaling Omgevingsrecht). 

 

Anderzijds zullen er ook doeluitkeringen worden omgezet in provinciefondsuitkeringen (investeringsbudget landelijk gebied en brede doeluitkering). Dat heeft veel invloed op de provinciale financiën. In verband daarmee zal de provinciale organisatie de komende periode nog meer terug moeten naar de echte kerntaken (zie hoofdstuk 1). Een nieuwe kerntakendiscussie en een scherpe focus op de provinciale kerntaken is daarvoor volgens het CDA nodig.

 

Voor het beheersbaar houden van de provinciale financiën gelden onderstaande uitgangspunten:

De (meerjaren)begroting is structureel sluitend;Het Delta-dividend wordt als incidenteel beschouwd en wordt ingezet voor nieuw beleid;Er zijn voldoende reserves aanwezig om risico’s op te vangen;Vervangingsinvesteringen worden direct in de exploitatie meerjarig geraamd en onderhoud van kapitaalgoederen wordt uitgevoerd en meerjarig geraamd conform actuele beheersplannen; Er worden geen structurele lasten gedekt met incidentele baten.

Landelijk/​Provinciaal

De twaalf provinciale afdelingen vormen de schakel tussen de gemeentelijke afdelingen en het landelijke bestuur.